HomeDe Koninklijke Nederlandsche MarinePagina 20

JPEG (Deze pagina), 674.17 KB

TIFF (Deze pagina), 6.81 MB

PDF (Volledig document), 54.99 MB

20
omdat hij rekeiiiug moet houden niet de kans 0111 niet i11
een tij over de droogten te komen, e11 speling moet houden
voor het doorstampen, dan blijkt uit de voorgaande be- q
schrijving der zeegaten, dat wij voor de verschillende gaten
vijandelijke schepen kunnen verwachten van den volgenden
diepgang:
In het Vlie tot de Middelgwnden schepen van 45 dM.
In de Zuiderzee naar Harlingen en Amsterdam sche-
pe11 van 31 dM. `
In de Tesselsche Zeegaten: A
het ll/`estgat schepen van 56 dM.
,, Schulpengat ,, ,, 65 ,,
In het Noordzeekanaal schepen va11 '72 dM. ,
In den Nieu we11 Rotterdam schen W&hC1‘WBg, in
de toekomst, schepen va11 65 dM.
I In de11 Ouden Maasmond schepen van 20 dM.
Goereesche Zeegaten:
In het Bokkengat schepen va11 36 dM.
In het Slükgat schepen van 43 dM., evenwel niet verder
dan de haven van Dirkslancl.
Ten ei11de te kunnen beoordeelen l1oe sterk de vijandelijke j
macht zal kunnen zijn, die wij voor de verschillende zeegaten _
te wachten hebben, wanneer wij i11 oorlog gewikkeld zijn niet
Engeland, Frankrijk of Duitschland, zijn in den volgenden ,
staat de schepen vern1eld, die den vereischten diepgang hebben
om in onze zeegaten binnen te dringen. Daarbij is tevens, "
0111 een oordeel te kunnen velle11 over het offensieve ver- I
1110gen van de verschillende schepen, opgegeven hoe dik V,
de pantsers zijn, die hunne projectielen kunnen doorboren,
op afstanden van 500, 1500, 2500 en 3500 Meters.