HomeSint Nikolaas of Kerstmis?Pagina 17

JPEG (Deze pagina), 935.89 KB

TIFF (Deze pagina), 7.48 MB

PDF (Volledig document), 16.27 MB

{ . á
snvr NIKOLAAS or Knasriirs? 15 _
f men van ’t leven getuigt: ,,Slechts waard dat het ten gronde ,
gaat." l
Neen, zij die zoo prediken, ze mogen al geen steenen voor a
brood geven, zij schenken niet veel beter, waar zij lucht aan- `
bieden voor brood. O! ik weet het evengoed als een ander: fl
~ de mensch leeft niet van brood alleen, toch vind ik het wreed ,
den hongerige met die waarheid naar huis te zenden evenals f
de zoogenaamdi vroome, die voedt met traktaatjes, want brood
is toch de eerste en noodzakelijke voorwaarde voor het leven.
De romanschrijfster Ouïda toonde een scherpen blik, toen zij
eens schreef: ,,wij die eten en drinken, als wij het wenschen,
wij kunnen ons slecht voorstellen wat de teleurstelling van
een weigering is, als ons het dagelijksch brood wordt onthou-
· den en een zorgvol bestaan ons wordt gelaten met de bedrei-
_ ging van den hongerdood, wij kunnen niet begrijpen, hoezeer
wij ook willen, wat het beteekent: een ledig bord, een koude
haard, een stroozak, de flauwheid door honger, de lange,
wreede uren die omkruipen, van ’s ochtends tot ’s avonds en
van ’s avonds weer tot ’s ochtends, zonder te brengen vriend of
voedsel of hoop of uitkomst." Juist nu, omdat wij het ons
r niet kunnen voorstellen, juist daarom past ons geen oordeel,
maar stilzwijgen en als beginsel geef ik allen in bedenking
voorzichtig te zijn met het oordeel en te erkennen: ik, die zelf
nooit honger heb gehad, ik durf niet spreken over de manier, ¤
·« waarop een medemensch, die wel honger heeft, tracht hem te
bevredigen. Honger en deugd gaan moeilijk samen, want de
l deugd verdwijnt als de honger binnen dringt. Uit honger toch g
_; eet de eene mensch den anderen op, ja honger maakt den l
mensch tot alles instaat. Voor den hongerige heeft de ge-
heele zedeleer slechts één gebod: hoe sterf ik niet van honger?
Wijst men er op, dat er toch goede menschen zijn, die voor
anderen iets overhebben, ik zegen hun goede hart, maar voeg
er bij : geen barmhartigheid, geen genade, maar recht om door
j eerlijken arbeid zijn brood te verdienen. Of is het u hetzelfde
j hoc gij iets krijgt? Is de vreugde van het zelfverdiende niet
l oneindig veel grooter dan de gaven, waarvoor men niets had
. te doen? Daarom willen wij het gevoel van menschenwaarde '
t opwekken, beginnen we niet den mensch te vernederen, door
‘ «
S
jr
r2`
l