HomeSint Nikolaas of Kerstmis?Pagina 15

JPEG (Deze pagina), 889.10 KB

TIFF (Deze pagina), 7.54 MB

PDF (Volledig document), 16.27 MB

j sim Nn<oLAAs on Knnsrivns? 13 _
‘ de grootheid te zoeken, want de kleeren maken den mensch
niet. Ontneem den minister zijn rok, den generaal zijn uniform, `
§ den bisschop zijn myter, den rechter zijn toga, den bode het
kenmerk zijner waardigheid, wat zijn ze dan? Menschen, een-
d voudig menschen. Wij moeten het erkennen, dat helaas! in
onze maatschappij waardigheid en voortreifelijkheid dikwijls
i meer zaken zijn van de kleeding, dan de meesten wel denken.
De ervaring leert, hoe waar het oude gezegde is: ,,wien God
het ambt geeft, dien geeft hij ’t verstand" en steekt men zich
in ambtsgewaad, dan is alle twijfel gebannen. Hoezeer wij
grootheid en zieleadel prijzen, wij zien niet voorbij, hoe dikwijls
achter dien huichelachtigen schijnlof voor mannen uit ’t verleden
de grooten en edelen uit het tegenwoordige worden uitgeworpen.
j Eere aan die grootheid, die niet zichzelve zoekt, maar het heil
j van allen, die aan anderen verleent wat men verlangt voor
zichzelven en niet als ooowccüem behoudt wat als recht aan allen
toekomt, zij zal in dankbare herinnering voortleven en al ver-
kondigt geen marmer of metaal hun lof langs straten en op
pleinen, zij heeft zichzelf een eerzuil gesticht, van beter
· gehalte, inde harten der menschen.
Maar als wij ons verplaatsen met onzen geest in de bedoeling
j van dien weldoener uit de oudheid en wij vragen of de viering
van het Sint Nikolaasfeest plaats heeft in overeenstemming met
hetgeen hij wilde, dan zou ik meenen, dat verwijten en harde
l waarheden zou toevoegen aan ons geslacht. Immers het is maar
T al te waar, wat onze dichter zong:
X Ja, kinderheilige, nog neemt mijn hart n aan!
' En had de wereld slechts wat beter n verstaan,
ll Uw geest van weldoen en van liefde meer begrepen
. ’k Zou met dien naamdag nog geruster kunnen dwepen.
Want, lieve hoorders, is ’t niet kannibaalsch en wreed,
; Dat men op zulk een feest het hongrig volk vergeet,
j Dat met een ziekelijk oog koomt op uw lekkers azen,
1 En met zijn bleeken neus kleeft aan de winkelglazen?
. Zoo sprak de Génestet en indien niet alle gevoel uit ons
j hart is uitgedoofd, dan moeten wij het bekennen: het een