HomeHet persoonlijk karakter van den godsdienst en het ultramontanismePagina 13

JPEG (Deze pagina), 720.48 KB

TIFF (Deze pagina), 6.76 MB

PDF (Volledig document), 11.67 MB

li
i
ii
Pl!
7 11
menschen zijn dan geene personen meer, die zelf werken,
j maar worden werktuigen, die een ander voor zijne plannen
gebruiken kan. Wie geene persoonlükheid is in ’t geloof,
l is op den duur in geen ding waar, zelfstandig, sterk
en rijk!
l
l Hoe juist dit persoonlijk karakter van den godsdienst
i in zijne volle kracht en oneindige waarde geopenbaard
en gehandhaafd is door Jezus, - daarop behoef ik u
niet te wijzen. Hier - in het Christendom - hier is het,
door Jezus, gelijk Paulus zeide: «Gods geest getuigt met
onzen geest» ; <<Gods liefde is uitgestort in onze harten». _
Hier gaat het godsdienstig geloof rechtstreeks uit naar
God, gelijk God met zijn leven woning maakt in ons
‘ eigen hart. Geene hoogte of diepte, geen leerstuk, geen
l priester, geene kerk ­ niets scheidt ons van de liefde
Gods, die in Christus is.
j Zóó is het in het oorspronlcelijle Christencloin, maar
zóó was het niet altijd in de Christelijke kerk.
Ach, hoe breed en diep is niet de klove, door de Christe-
, lijke kerk tusschen den mensch en zijnen God gegraven! _
·_ Zij heeft getracht die klove te dempen door zich zelve,
_ hare tenipelen, hare priesters, hare leer daarin te plaatsen.
jv Maar ’t werd er nog altijd minder door! Zij heeft voor
{ het persoonlijke in den godsdienst haar tassehenhonist en
' gezag aan den mensch opgedrongen. Zóó moest het
eigenlijk goclsclienstige in den godsdienst van lieverlede
ï te gronde gaan!
Hoe ontzettend zwaar heeft zij gezondigd! Niet willens
, en wetens; ten minste in het eerst niet. Maar later heeft
*‘ zij vergeten dat zü er was om het Godsrük en niet omge-
keerd het Godsrijk om harentwil.
·