HomeOntwerp van wet tot herziening der GrondwetPagina 20

JPEG (Deze pagina), 0.97 MB

TIFF (Deze pagina), 7.98 MB

PDF (Volledig document), 32.85 MB

20 Mnmonm VAN ro1·:L1oH·r1Nc.
aan den gewonen wetgever nog een gevaar verbonden, waartegen de
ondergeteekende waarborgen geenszins onnoodig acht, nl. dat eene
wetgevende vergadering het kiesrecht verandert onder de werking .
van egoïstische beweegredenen en partijbelang. Het is geen vreemd
verschijnsel in de staatkundige geschiedenis, dat eene partij, die de
meerderheid bezit, eene voor haar als partij voordeelige verandering
in het kiesrecht tracht te brengen. Ten einde wijzigingen, welke met
zulk een anti­nationaal doel ondernomen worden, onmogelijk te maken
en eene indirecte bekrachtiging van eventueele wijziging door de kiezers
te verkrijgen, geeft de ondergeteekende in overweging te bepalen, dat
eene verandering in de bepalingen omtrent de samenstelling van het
kiezerslichaam voor de Tweede Kamer der Staten-Generaal eerst in
werking treedt na de eerstvolgende algemeene verkiezingen voor dat
Staatslichaam; ·
Ook het vraagstuk, hoe het kieswerk zelf behoort te geschieden,
is van het uiterste gewicht. Wij zijn gewoon aan het stelsel van
kleine districten en verklaren degenen, aan wie door de volstrekte
meerderheid der in dat district uitgebrachte stemmen de voorkeur
wordt gegeven, tot vertegenwoordigers. Het gebrekkige van dit stelsel
is niet te ontkennen. Zelfs als de kiesdistricten onpartijdig zijn gefor-
meerd, en alzoo, hier van de eene, daar van de andere partij eene
minderheid wordt overstemd, en het algemeen resultaat voor de par-
tijen vrij gelijk blijft, zgn aan dit stelsel de bezwaren verbonden, dat de
belangstelling in de publieke zaak van de richting, die in een district
in de minderheid is, verslapt, ja uitdooft, vooral daar waar eene der
richtingen een beslissend overwicht heeft, en dat in districten, waar
meerdere afgevaardigden gekozen worden, de meerderheid, in strijd
met de billijkheid, alle plaatsen erlangt.
Deze bezwaren zijn te gewichtig, dan dat bij eene herziening der ·
grondwet niet zou moeten worden gedacht aan de mogelijkheid om
een ander stelsel aan te nemen. Apriori uitgesloten te worden behoeft
alleen het denkbeeld eener lijstverkiezing bij volstrekte meerderheid _
over het geheele land. De meerderheid eener wetgevende vergadering
zou uit zucht naar partijvoordeel dit systeem kunnen goedkeuren,
en behoort daarom in dit opzicht aan banden gelegd te worden. Im- 1
{ mers zou bü dit stelsel de wetgevende macht geheel in handen eener
minderheid kunnen komen. In de volksvertegenwoordiging zou slechts
de meerderheid der natie vertegenwoordigd zijn, en de meerderheid van
die meerderheid zou de wetten maken. In het afgetrokkene zou het dus j
mogelijk zijn, dat de helft -|­ 1 van de helft -|- 1 de wetgeving in
handen kreeg. In de gemeenteraden van groote steden, in welke één V
l . ·