HomeEene herinnering aan de artikelen 34 tot 49 der GrondwetPagina 7

JPEG (Deze pagina), 675.74 KB

TIFF (Deze pagina), 7.04 MB

PDF (Volledig document), 8.49 MB

5
K hetzij als ministers, staatsraden of leden der vereenigde
, zitting aan de behandeling der genoemde wetsontwerpen
G i deelnamen, is nog slechts een tiental in leven, waarvan
nog één in de Eerste en drie in de Tweede Kamer
` zitting hebben.
Dit tiental zal zich herinneren dat de keuze van den
regent het voornaamste punt van gedachtewisseling
uitmaakte en door velen geacht werd in het naauwst
Q2 verband met de keuze der voogden te staan.
De daaromtrent gebezigde voornaamste argumenten
st ·
it; zijn de volgende:
tg De regering - erkennende dat in de grondwet de
keuze van den regent door geen enkele bepaling wordt
K, beperkt - plaatste zich bij hare voordragt echter op
het standpunt, dat men bij die keuze toch zedelijk in
zekeren zin gebonden was en een leidend beginsel diende
te volgen, dat kon geacht worden te liggen in den geest
(*) Hiertoe waren voorgesteld: Koningin Sophia, de Prinsen Hendrik
en Frederik, de voormalige vice­president van den Raad van State vom i
l
i Doorn oom Westcapelle, het voorzittend lid van dien Raad vom ole
` Poll, de voorzitters der Kamers van Limburg Stirum en vom Golsteiri,
de gouverneur van Gelderland Schimmelpenriirzck vom der Oye, de
minister van oorlog vom Spemgler, de kamerheer in buitengewone
dienst vom Brieriera van de Groote Liridt en de directeur van het
& kabinet oom Rclppard.
f