HomeOnze toestand in IndiëPagina 49

JPEG (Deze pagina), 777.55 KB

TIFF (Deze pagina), 6.51 MB

PDF (Volledig document), 51.63 MB

1
g .
­ 43
claemle !) « Moesten de le veel genotene balen worden terug-
betaald, er zou daarvoor moeten worden geleeml, en de langs
dien weg te veroorzaken belászfivzgrlmk, alle over m‘0e_qe7·e geslachten -
karl moeten wowlezz. rvewleelrl, geconcentreerd worden op de
­ belastingsohuldigen na de terugbetaling ». (Dal klmlczf al zeer
zomlerlizzg.) ((W€l`d de financieele verhouding tusschen Nederland
en Indie eens voor al op een goeden, rationeelen voet geregeld,
dan moest het verledene als een afgesloten lyrèaerlc worclevz
‘ Zzeselzouwrl en moest men zich van alle berekeningen en ver-
rekeningen omtrent dat verleden onthouden. »
De 4900 ambtenaren en de 570 industrieelen verlangen dus
van het ten onregte genotene geen restitutie. Zij zullen het
moederland niet verder daarover aanspreken. Alles zal zijn
vergeten en vergeven, wanneer nu maar voor het vervolg -
rb en dan eens voor altijd, de zaak wordt goedgemaakt en geregeld.
' Mijne Heeren, wie zou het ooit gelooven wat verder is
­ j gebeurd?
W Daarop is gevolgd een geheel wets­ontwerp in dien geest door de
Regeering zelve opgesteld! En nu zou ik de grenzen dezer discussie
te buiten gaan als ik de volstrekte onaannemelijkheid van zoo-
danige wanbegrippen met het daarop gebouwde voorstel, waaraan
’ de Ptegeering heeft toegegeven , verder ging ontleden en betoogen. ‘
Ik geloof toch, dat, als wij aan den toestand zijn waren aard
toekennen, al die volmaakt onjuiste opvattingen van zulk eene
j denkbeeldige regtsverhouding << ee¢zs·v00¢· al >> moeten worden
E onderdrukt en te keer gegaan, en dat wij onze « bezvllzfmgevz >>
en onze 4900 ambtenaren met die vijf of zes honderd ondernemers
I tot andere meer juiste inzigten moeten terugbrengen; dat wij
ze behoorlijk moeten administreeren; dat wij moeten zorgen dat
i hun regt wedervaart; dat naar oud-Nederlandsohen aard de
I spaarzaamheid wordt betracht, zonder die gasplllage van millioe-
i nen, welke nu plaats vindt; maar, dat wij ons vooral niet door
j Nederlands eigen dienaren de wet moeten laten stellen omtrent
hetgeen ten aanzien van hen, tusschen Nederland en Neder-
landsch Indie zou moeten gebeuren. i
I
v
t