HomeOnze toestand in IndiëPagina 44

JPEG (Deze pagina), 768.74 KB

TIFF (Deze pagina), 6.51 MB

PDF (Volledig document), 51.63 MB

J
38
zijn andere nieuwe belastingen van personeel en patent aange-
kondigd; zij zijn het complement van het programma van 1861 ,
van het burlget rler toekomst, van de zege van bet nieuwe
stelsel. Heeft die zege misschien eene zekere opwinding in de
gemoederen te weeg gebragt ‘? In 1861 voorspelde de leider
der toenmalige oppositie, de heer VAN HOEVELLZ << dat, als
de particuliere ondernemers zullen zijn getreden in de plaats
van den Nederlandschen Staat, dan die ondernemingen aan .
belasting zouden worden onderworpen; de millioenen zouden
dan worden verkregen uit eene meer zekere bron >>. Nu ziet
men wat er is uitgekomen van die voorspellingen en van die
meer zekere bron; gij ziet wat er gekomen is van het aeguvI­
ealent in belastingen.
Een enkel staaltje ­- een enkel feit wil ik mededeelen van
de uitwerking daarvan; en daarmede van de rust die op Java ‘
in de gemoederen heerscht. De president van de Javasche l
Bank - die uit den aard zijner betrekking de meest kalme, jj
de meest conservative man op Java moest wezen, -- heeft een ’
_ boekje geschreven waarin hij zegt, dat Indie geen belang l
heeft bij de Nederlandsche heerschappij: << zoolang bet oer-
moerlen blij ft bestaan, clat bet onçler bet bestuur van een
ancleren Europeseben bebeerseber misschien billglcer zal worden
bebancleltl clan clit van clen lcant van Nerlerlancl in ele laatste
balve eeuw bet geval is geweest >> 1). Het behoort niet tot de zeer _
· geruststellende verschijnselen, als een president van de Bank
dergelijke seditieuse propoosten te voorschijn brengt. En wat
. deed daartegenover de Regeering? Heeft zij, gelijk mijns in-
ziens behoorde, tegenover zulke gezegden het gezag met waar-
digheid gehandhaafd? Men vindt in de Staatscourant van
5 November jl. een besluit van 20 September 1878, waarbij ,
die schrijver, de president der Bank, in de allereerste plaats l
wordt benoemd in eene commissie om met eenige andere
1) N. P. VAN DEN BERG. Mist het prgtest tegen de · Bijdrage » een op ‘
· recht en billijkheid steunenden grondslag? Open Brief aan den heer Mr. J. AL-
TING MEICS, Oud­Minister van Kolonien. Batavia. 1878, bl. 13,
l