HomeDe wetsontwerpen tot regeling van het kiesrecht, zoals zij bij Kon. Boodschap van 20 September 1892 bij de Staten-Generaal zijn Pagina 73

JPEG (Deze pagina), 949.04 KB

TIFF (Deze pagina), 7.87 MB

PDF (Volledig document), 67.81 MB

i
­­ vs ­
kiezing dus, voor. En in verband met de in die wet gevolgde wijze van
á stemming terecht, daar thans niet alleen in de aanteekeningen van gestemd r
hebbende kiezers allicht eene vergissing kan zgn begaan, maar evenzeer Q
T de mogelijkheid bestaat dat een kiezer meer dan één stembiljet in de bus, l
p heeft gestoken. Deze laatste mogelijkheid is echter bü de voorgestelde wijze J
van stemmen moeielük denkbaar, daar den kiezer slechts één stembiljet
V verstrekt wordt en hij geen ander kan verkrijgen dan met teruggave van I
het eerst ontvangene, terwijl hij het stemlokaal niet mag verlaten, dan 3
A . j na of het biljet in de bus te hebben gestoken of het weder te hebben l
teruggegeven, en eindelijk vóór de toelating tot de stembus, bij het onder- j
. zoek naar de echtheid van het stembiljet altijd kan worden ontdekt of de j
kiezer wellicht meer dan één stembiljet in de hand houdt. Komt dus onder ,
K deze regeling het bedoelde verschil tusschen de gevonden stembiljetten en J
de geparapheerde namen voor, wat bij het betrachten van eenige nauw-
keurigheid niet waarschijnlijk kan worden gerekend, dan moet de fout wel
liggen in de gestelde paraphen. Op grond van deze overwegingen is in l
. België de regel voorgestaan, die in de derde alinea van artikel 35 wordt j
aangetroffen, ofschoon de Belgische kieswet dit niet uitdrukkelijk voor- j
schrijft. Een wettelijke sanctie schijnt hier wenschelijk.
Arti/zel 36, alinea 2, voorziet in het geval dat ook bij de derde alinea
van artikel 104 der bestaande kieswet wordt bedoeld, doch daarin minder
duidelijk wordt uitgedrukt.
.4rái/xel 37. Daar de candidaatstelling een gedeelte der verkiezing uit- l
maakt, moet het proces-verbaal daarvan ook den bij stemming of herstem­
ming verkozene worden toegezonden.
Artikel 41. De lijsten der candidaten, over wie eene stemming of her-
stemming moet geschieden, wijzen het kiesdistrict aan waar, ten gevolge l
van het bepaalde in de eerste zinsnede van dit artikel, een nieuwe ver-
kiezing moet plaats grijpen. Bericht van de aanneming der benoeming aan
den Minister van Binnenlandsche Zaken schrijft artikel 40 voor.
Arti/cel 42. Dat eene verkiezing tot geen uitkomst leidt kan alleen voor- j
. komen, wanneer geen candidaten zijn gesteld of de opgaven van candidaten
niet op de wettelük voorgeschreven wijze zijn geschied. In alle andere
gevallen kan een geloofsbrief worden opgemaakt. En daartoe bepaalt zich
dus de taak van den burgemeester. De innerlijke waarde van den geloofs-
brief staat, volgens de Grondwet, ter beoordeeling van de Kamer. j
De Minister van Bimwnlandsche Zaken, l
TAK VAN POORTVLIET. -
,. .-L ,t,.r.m ~ · «- ~ [