HomeDe ziekenfondsen in NederlandPagina 57

JPEG (Deze pagina), 791.01 KB

TIFF (Deze pagina), 6.71 MB

PDF (Volledig document), 68.64 MB

@7
arbeider, die bijv. des winters door nood gedrongen, daarmede
ten aehter is geraakt, bij ruimer verdiensten al zijn best doet,
dien achterstand aan te zuiveren. In tegenstelling overigens
met wat bij de begrafenis- en ondersteuningsfondsen wordt aan-
A getroffen , heeft het deelnemen in meer dan één doctorsbus ,
uit den aard der zaak , ook wel nimmer plaats.
In sommige gemeenten verzekeren enkele huisvrouwen hare
dienstboden, of armbesturen dezen en genen hunner bedeelden
in doetorsbussen of dragen tot de premiebetaling daarvoor bij.
Ook bij deze ziekenfondsen overigens, rijzen van weerszijden
geenszins altijd onbillijke klachten; willekeurige handelingen ,
onachtzaamheid en somtijds verregaande verwaarloozing hunner
zieke ingeschrevenen, komen bij busgeneesheeren wel eens voor
en evenzeer worden het stellen van te hooge eischen en vele i
andere bezwaren ten laste der busleden opgenoemd, gelijk die
bij de eigenlijke ziekenfondsen reeds werden vermeld.
De boden der doctorsbussen hebben, daar deze fondsen bijna
altijd sleehts tot ééne gemeente beperkt zijn en voor zooverre
er geene geldelijke uitkeering bij ziekte aan verbonden is ­-
wat zelden voorkomt ­- doorgaans een veel minder uitgebreide
taak en veel geringer invloed, dan die der eigenlijke zieken-
en uitkeeringsfondsen. Klachten over misbruik liunnerzijds ko-
men dan ook zelden voor. Dikwijls neemt de knecht des ge-
neesheers of een tegen vaste of proeentsgewijze belooning daartoe
aangesteld persoon, deze betrekking waar. De administratie
is uit den aard der zaak zéér eenvoudig; veeltijds betaalt ieder
lid boven zijne contributie den bode wekelijks l cent ubodcn-
geld ;” een en ander wordt in den regel, mede wekelijks, ook
met den busdoctor vereffend.
Onwillekeurige , zooal niet opzettelijke nalatigheid der boden
in het constateeren van den leeftijd der kinderen van leden,
die den ouderdom bereikt hebben, waarop zij zelven als be-
talende leden moeten worden ingeschreven , schijnt nogal eens
voor te komen; natuurlijk tot sel1ade van den busdoctor, die
dit evenwel door eigen oplettendheid kan tegengaan.
l