HomeEen vraag van den dagPagina 30

JPEG (Deze pagina), 809.58 KB

TIFF (Deze pagina), 5.71 MB

PDF (Volledig document), 37.87 MB

25
mijzelven, omdat toch elk advocaat zeerzeker wel in de
eerste plaats belang heeft bij een goede rechtsbedeeling
onder de inlanders en zulk een rechtsbedeeling zonder een
behoorlijken administratieven grondslag van het inlandsch
familieleven ten eenenmale onmogelijk is.
Doch de inlanders geven geen blijken van verlangen
naar registers van den burgerlijken staat, zal men zeggen;
want waarom vragen ze zelven er niet om ? VVaar01n
geven ze het hun hoofden niet te kennen ‘? Vllaarom komen
dezen niet bij het hoofd van het plaatselijk bestuur?
Waarom zich niet gewend tot het hoofd van het gewest?
Waarom ook niet genaderd tot Z. E. den Goeverneur­
~Generaal? Ze vragen er niet om: ze schänen dus te-
vreden.
Die zóó spreekt kent den inlander niet. Men moest
weten dat hij niet klaagt en niet vraagt totdat geen uitstel
meer mogelijk is, totdat er - en dit is gevaarlëk in een
inlandsche maatschappül ~- periculum in mora is.
klaagt niet, omdat hij niet durft klagen; hij vraagt niet,
omdat hij niet durft vragen.
ls dit, Excellentie - en dit punt hangt ten nauwste
met het hier aan Uwe Excellentie gerichte verzoek samen -
is dit geen ongezonde toestand? Vooral in deze aange-
legenheid ben ik daarvan getuige en gevoel ik mij, in
het algemeen belang, verplicht om eerbiedig Uwe Excel-
lentie eenigszins breedvoerig de aanleiding mede te dee-
len tot de omstandigheid, dat deze petitie alleen mëne
handteekening draagt en deze zonder eenige aanmatiging
en, laat ik er bijvoegen, geheel lzelcmgeloos, eerbiedig onder
dit verzoek is ternedergeschreven.
Zijn de inlanders in zooverre geboren diplomaten dat
zij tegenover Europeanen zich niet uitlaten en in den
·w` regel zwijgen; bij hun raadsman, hij hun advocaat, vin-
l den ze zeker wel gelegenheid te over om vrijelijk uitte-
{E spreken wat hun op het hart ligt. En dan nog moet
j men door uitvragen hen tot spreken brengen. Komt het
_; Uwe Excellentie onwaarschijnlijk voor, dat dagelijks in-
Q landers met het vooruitzicht om een erfenis deelachtig te
j worden, mij om raad vragend, de verzuchting slaken: >>O,
meneer, die priesterradenle omdat ze hun bezit van
staat meedoogenloos afgebroken zien door dwalende en
hebzuchtige getuigen ? VVat ligt dan den raadsman meer
voor de hand dan om voor den inlander te formuleeren
i wat eigenlijk de kern is van zijne klacht en hem te zeggen: