HomeElout van SoeterwoudePagina 24

JPEG (Deze pagina), 845.66 KB

TIFF (Deze pagina), 6.63 MB

PDF (Volledig document), 30.49 MB

T,
l
jl
20
kelijk gezag i11 de Gemeente is, waaraan zulks kan worden (
opgedragen (waarover nader), zoolang is cooptatie, aanvulling "A
van den raad der Ouderlingen door eigen keuze, te behouden als j
het mogelijk is." Daartegenover stelde ELoUïr: ,,Naar de Heilige +
Schrift behoort de medewerking der gemeente tot de keuze van j
diakenen en oudsten of leeraars plaats te hebben, hetzij onmid- '
delijk, hetzij door toestemming.
,,Ten opzigte der diakenen is dit aan geen twüfel onderhevig ·
(Hand. VI : 1---6). Met betrekking tot herders of ouderlingen
(tusschen wie de schrift geen onderscheid kent) pleit voor die
medewerking Hand. XVI : 23." «
Dr. Gunnine schreef in stelling 8: ,,Wij missen de rechte be-
sturing der Kerk. Er behoort een gezag te zijn boven de leeraars, <
en dat niet slechts van de onpersoonlijke waarheid, maar van
personen, daartoe door God geroepen en aangewezen? En in §
stelling 9: ,,Dit gezag werd voor de Hervormde Kerk vroeger in
vele opzichten uitgeoefend door de Universiteiten, die door vor- jï
ming van de Dienaren des Woords een zekere voogdij over de I
Kerk hadden." ,
Daartegenover zegt ELoU·r in stelling IX: ,,De eenige meester
is Christus. Zijn plaatsbekleeder de Heilige Geest zal onder
allen, die God in geest en waarheid aanbidden, getuigen, over-
tuigen en leide11 in al de waarheid in de Heilige Schrift ge- 1
openbaard. *
,,Geen ander gezag dan dit met de Heilige Schrift alléén V.
overeenkomende mag in de gemeente boven de opzieners ,
worden geduld. q '
,,De kvveekscholen, hoogere of lagere, dienen slechts tot op- j
leiding van de leeraren, geenszins (gelijk zg dat ook nooit
deden) om eenig gezag te oefenen over die leeraren, veelmin
over de gemeenten zelven, van wie die instellingen behooren
uit te gaan."
In de 10dê stelling van Dr. Gonnine leest men: ,,1-Iet geloof
dan, het persoonlijk leven des Heiligen Geestes in de harten,
dat is het wat ons noodig is als éérste vereischte der mannen, die de
Kerk waarlijk tot zegen zullen besturen. Want persoonlükheelen, {
mannen vol des geloofs en des Heiligen Geestes, behoeven wij". - «;
ELoU1"s stelling VII luidt: ,,Het minachten van het ambt lj
in de gemeente is even gevaarlük en strüdig met het Woord ä
Gods als overschatting van dat ambt en van de personen, welke _
met het ambt zijn bekleed. '
,.Voor de dienaren zoowel als voor de hoorders des Woords
blijft het Woord Gods het hoogste gezag, de Heilige Geest, de
trouwe leidsman en het voorbeeld der Bereërs de beste regel.
(Hand. XVII: 11, Luc. XVI: 29, Joh. V: 39)".
I
(
E