HomeVolk en staatPagina 7

JPEG (Deze pagina), 635.21 KB

TIFF (Deze pagina), 7.28 MB

PDF (Volledig document), 29.39 MB

* M H.!
I Onder de vragen die men schier bä elke schrede
l ontmoet zoowel in het praktische politieke leven
als bü de studie der staathuishoudkunde behoort
bovenal deze: welke zün de grenzen vo·or de
l Staatsbemoeüing?
Moet de Staat zich belasten met het spoorweg-
vervoer, even als met de pakketpost en de brieven-
malen? Moet de Staat havens aanleggen en kana-
len graven, transatlantische stoomvaartlünen in het
leven roepen of althans door krachtigen steun in
het leven houden? Moet de Staat zorgen voor de
pensioenen niet alleen van züne ambtenaren, maar
i van alle behoeftige arbeiders? Moet hij er voor
waken dat de burgers behoorlnk worden opgevoed
en onderwezen? Moet de Staat hoe langer hoe
meer de geheele ontwikkeling van den mensch in
den kring trekken van zijne bemoeüing, in één
t woord, moet de Staat zün gelük het voortreffelijk
wordt uitgedrukt vvoogdüstaat ?"
Of wel moet de Staat zich allengskens van de
l
1 ,