HomeHet kamerbesluit van 25 Mei en zijne gevolgenPagina 30

JPEG (Deze pagina), 955.73 KB

TIFF (Deze pagina), 7.47 MB

PDF (Volledig document), 27.38 MB

{ .
l
l w · · .
[_ 28 HET KAMERBESLUIT vAN 25 Mm jr
nog te veel op te vertrouwen, en de uitslag der pogingen
. om het kiesstelsel te verbeteren geeft eenigen grond voor deze , ,
jl beschuldiging. De uitvluchten, die er steeds worden gezocht, g
om aan den eenvoudigen eisch der billijkheid te ontkomen,
{ moeten het denkbeeld doen rijpen, dat de kiesrechtvraag
j eerst hare oplossing zal vinden, wanneer het eiqeaóeiaïqq der
in gegoeden door hunne wees wordt opgewogen. Agitatie zou
dan in de plaats der argumentatie moeten treden. Is dit _
uiterste middel nog niet te voorkomen? Wel zijn, gelijk
f Lassalle zegt, alle c0m·z‘iZmfz`0¢zeeZe vmqerz maeáisvraçem, maar ‘
; niet elke machtsvraag behoeft door feitelijkheden tot oplos- j
i j sing gebracht te worden. De overtuiging van het goede recht
j verhoogt, en de overtuiging van onrecht verlamt de kracht ·
g des verdedigers. Tengevolge van den invloed der zedelijke F
i krachten vormt niet enkel de macht het recht, maar ook r
. het recht de macht. De motie van 25 Mei is in dit opzicht
een lichtstraal. Doch met ernst stel ik hun, die voor afschaf-
J {ing van den census den tijd nog niet gekomen achten, de
vraag, of zij eene machtsvraag eerst rijp voor beslissing ach-
ten, wanneer de beslissing door feitelijk geweld voorbereid
is, en een gedeelte des volks tot revolutie of burgeroorlog _ `
gereed staat? M. i. is zij het reeds, wanneer er geen gedeelte
meer is, althans geen noemenswaardig gedeelte, hetwelk een #__
ernstigen strijd voor ’t behoud van het bestaande zou willen i
aanvaarden.
{ Hoe weinigen nu zijn er, die niet overtuigd zijn, dat de
census na korter of langer tijd vallen moet, en wie zou samen-
zwering en revolutie, of zelfs ernstige vijandige demonstra- ‘
tiën willen trotseeren, om den census te handhaven?
Het is nu reeds duidelijk, dat de constitutioneele machts-
’ vraag in de handen ligt der uitvoerende macht. Zoo de regee-
ring de invoering van het algemeen stemrecht, behoudens uit-
sluitingen wegens gegronde redenen, voorstelt, krijgt de zaak {
haar beslag. De heerschende Kappeynevrees, en de bijna lr
komieke pogingen, om toch vooral mijn naam niet aan eenige
· parlementaire overwinning te verbinden, bewijzen het vol-
doende. De motie van de heeren mn Delclerz 0..9., die ver- ·
klaren, dat áe¢·zz`e¢2i22y vom kei /cz`es¢·ecázf weïzseáelçï/c is, wordt J