HomeDe troonopvolging, een gevaar voor de vrijheid van NederlandPagina 27

JPEG (Deze pagina), 704.78 KB

TIFF (Deze pagina), 6.30 MB

PDF (Volledig document), 22.59 MB

7
i
j 25 .
H MAXrM1L1AAN II, buiten staat om zijne Nederlandsche rijks-
onderdanen tegen de dwingelandij van zijnen aan rebellie en
felmzée schuldigen, maar tegenover het rijk overmachtigen
leenman te beschermen en dus, volgens leenrechtelijk be-
ginsel, van zijne leenheerschappij vervallen, bij den vrede
`çï van Munster deze gewesten voor eenen onvoorwaardelijk
vrijen, van de Duitsch-Keizerlijke Kroon volstrekt onafhan-
•` kelijken , absoluut souvereinen Staat verklaarde, ging hier- .
mede de Rijks Hoogheid, dat is de rechtsvolkomenheid van
` Rijks Opperhoofd, over op de Staten, en was hiermede het
beginsel van Volks Souvereiniteit onherroepelijk en voor alle
tijden in Nederland tot eenigen grondslag der toekomstige
Staatsregeling gemaakt.
, Van dit rechtsbeginsel uitgaande is het Nederlandsche
Koningschap niets anders dan een Jlüozislerium, een, door
de Rijks­Oppermacht, onder leenrechtelijk verband opgedra-
_ I gen erfelijk Staatsainbt, en de Koning, als tijdelijk Hoofd
’*' van den Staat, niets meer dan de vertegenwoordiger of ste-
dehouder der Rijks Hoogheid, die zijn gezag in Secmizfmfem
rlelill en in overeenstemming met de belangen en bedoelin-
P gen van het souvereine volk uitoefent.
ei Daar nu, volgens art. 51 der Nederlandsche Grondwet,
de Koning bij zijne inhuldiging zweert, dat hij de onaf-
hankelijkheid en het grondgebied des Rijks met al zijne
vermogens zal verdedigen en bewaren, en in overeenstem-
ming met dit ontwijfelbaar militair verband, volgens art. 58
dierzelfde Grondwet ook het oppergezag over de krijgsmacht
van den Staat bezit, kan de Kroon der Nederlanden nim-
‘) mer anders dan als een zzeaawlleeiz beschouwd worden, daar
het tijdelijke Hoofd van den Staat de Koninklijke waardigheid
alleen onder uitsluitend militair verband bezit, welk verband
toch wel nimmer aan eene vrouw kan worden opgelegd.
e