HomeKorte aanteekeningen betreffende eenige Artillerie-ZakenPagina 56

JPEG (Deze pagina), 674.28 KB

TIFF (Deze pagina), 7.09 MB

PDF (Volledig document), 40.48 MB

` 54 i
De batterij cowzgeerde en seinde dit naar het doel.
Ter voorkoming van vergissingen werden deze seinen /’
door het doel herhaald.
In den regel werd na het eerste schot alleen gecor-
rigeerd als de afwijking grooter was dan de 50%
spreiding, terwijl men verder ter bepaling van den
juisten opzet een ie kar! en een Ze ver gaand schot
trachtte te verkrijgen. Op bekende afstanden begon
men in den regel met den opzet uit de schootstafel.
‘ Volgens de opgaven uit de batterij bepaalde de _
officier bij het doel, in verband met de trefkans tafel
en met de 50% spreiding, het trefpunt voor het vol-
gende schot. Hiertoe bleek het doelmatig dat hij, `
zonder daarvan aan de batterij kennis te geven, bij
het lc schot een gemzddeld Wqfpuvzi aannam voor de
serie tot welke dat schot gerekend kon worden te be-
hooren, dan dat gemiddelde trefpunt volgens de op-
gave der batterij verlegde en de verschillende schoten
ongeveer volgens de trefkanstafel om dat gemiddelde
trefpunt groepeerde. _
Er was aangenomen dat de officier bij het doel het
regt had om bij het eerste schot het _gcmz'a'a.’e!de W4`-
pmzi der serie waartoe dit gerekend kon worden te
behooren op afstanden van 600-999 M., tot 60 M. ‘
K en op afstanden van 1000-1600 M. tot 80 M. vóór
of achter de schijf te nemen.
De officier bij het doel handelt overigens als volgt: I
Op onderlinge afstanden van 10 M. slaat hij, in de
rigting der rooilijn vóór en achter het doel, kleine
paaltjes