HomeGronden voor de beoefening der Germaansche rechtsgeschiedenisPagina 30

JPEG (Deze pagina), 763.37 KB

TIFF (Deze pagina), 6.88 MB

PDF (Volledig document), 24.44 MB

i l
Q?
vende macht de invoering van het leekenelement in de
burgerlijke rechtspleging aan de orde komt. jj
_ Weliiii, is dit het geval, mogen dan onze afgevaardigden
eens met ernst nagaan, hoe cleerlijk dikwijls onze goede
` schepenen, om redenen henluyden daartoe permoveerende,
. den bal missloegen. En laat hen dan een iteretur voor-
r schrijven als zij den moed hebben.
Het is waar, de lessen voor den wetgever in het Germ.
recht te vinden, liggen niet alle voor de hand; vele zijn
verscholen in de plooien dier bonte massa van land- en 4
j stad·rechten, handvesten en gewijsden. i
E Maar zelfs al vestigde juist de moeilijkheid van het
i onderzoek de aandacht maar alleen op die bonte verschei­ ïï
denheid, zelfs dan zou dit niet vruchteloos zijn. i
` Die verscheidenheid is niet toevallig en het is geen
blind conservatisme van onze voorouders geweest, geen
gehechtheid aan het bestaande, alleen omdat het bestond, JQ `
zoo zij zich meermalen hebben verzet tegen maatregelen
jj beraamd om hun éénheid van recht te verschaffen. Hun
hardnekkige tegenstand vond zijn grond in de overtuiging,
' dat, mocht ook gelijkheid van recht haar voordeel hebben,
zij allicht elk deel zou komen te staan op het verlies van
« veel dat het hoog waardeerde, maar dat voor het geheel ;
niet paste. Zij gingen uit van een beginsel, juist en waar,
._ al kan het ook bij valsche toepassing leiden tot een par-
ticularisme dat allerminst voor onzen tijd past. Men zoeke li
dit particularisme te vermijden maar wachte zich daarbij voor ~
een voorbijstreven van zijn doel. Eenheid en eenvormigheid. i
5 ook in het recht, kan een zegen zijn; maar alleen zoo ze
l niet wordt verkregen ten koste der levenskracht van wat i
bloeide en zegen verspreidde voor het in den vastgestelden
vorm werd gekneld. _
il Worden de koorden, die moeten dienen om alle deelen
ë