HomeHet doel en de methode der wetenschap van het koloniale rechtPagina 13

JPEG (Deze pagina), 801.44 KB

TIFF (Deze pagina), 7.44 MB

PDF (Volledig document), 20.18 MB

11 ,
1
beschaving van elkander verschillen: hoe sommige harer door
1 hoog staande volken, andere door barbaren bewoond wor-
den. Zoo opgevat biedt de taak, aan den beoefenaar van het
koloniale recht opgelegd, hem een ruim, ja misschien al te
ruim veld van onderzoekingen aan.
Reeds in de oudheid vormden zich koloniën, welke in
menig opzicht een treffende overeenkomst vertoonen met die
f van den nieuweren tijd. Al ligt er waarheid in de opmerking
p van J. Mill: dat bij de kolonisatie der ouden de bovendrijvende ,
gedachte schijnt geweest te zijn die aan het rol/lc; de uittocht
. van een deels des volks naar eene nieuwe en bestendige woon-
_ plaats, terwijl thans meer het denkbeeld op den voorgrond
treedt van bezit van gromlgebied buiten den moederstaat, zoo
kan toch de studie der aêvromips en der xazpoupg/aa der Grieken,
, van de colonia en provincia der Romeinen ook nu nog van
belang beschouwd worden en mag men haar niet verwaarloo-
zen. Doch vooral aan de moderne kolonisatie en hare merk-
ä waardige, veelzijdige ontwikkeling moet de beoefenaar van het
W koloniale recht züne aandacht wijden. Welk een belangrijk
veld van studie vertoont zich dan aan züne oogen! Het eerst
· treedt Portugal op, dat, evenals een schitterend vuurwerk de
geheele wereld door züne ridderlijke ondernemingen verblindt,
I die zich evenwel spoedig in het niet oplossen en slechts hier
W en daar uitgebrande sintels achterlaten; droevig beeld van te
overspannen en inwendige kracht dervend pogen, en bezoedeld
f door menigen trek van bloeddorst en verraad! Daarna wekt
de sombere geestdrift der Spanjaarden onze aandacht die, ja
f ook hun eigen belang niet vergaten, maar toch de zaak der _
u kerk boven alles stelden ­- zelfs boven menschenmin en goede
l trouw. In staat groote rijken te stichten, waren zij niet bij
IF machte, die te behouden, zoodra de adem van den nieuweren
tijd hen beroerde! Toch bezitten zij nu nog in de Philippij-
j nen een gebied, onze studie overwaardig. Nederland, vóór
l
E
l