HomeDe nieuwe Hollandsche waterlinie in bescherming genomen tegen de jongste, naar aanleiding der Wet van 18 April 1874 (no. 64), puPagina 76

JPEG (Deze pagina), 887.80 KB

TIFF (Deze pagina), 6.90 MB

PDF (Volledig document), 67.97 MB

lä "
K4 ’ï
Ar 74
li
Er is evenwel nog iets. Kainos beroept zich op den Heer it
(T S'.l‘.lJ‘ll,TJE$ (zie de voorgaande 11oot), e11 verklaart dat de tüd,
je noodig on1 111 de Utrechtsche Linie - d. i. aan weerszgden .
5 van de Lek -- de onderwaterzettinge11 te stellen, eigenlijk ee11
·j quaestie van sluiswijdte is. VVQ gelooven, dat bij lage rivie1·­ •
lï standen (die, welke wü beschouwen moeten) het veel meer de
l • . » •,,
quaestie IS, om, ten behoeve van onze inondatien, alsdan
11 zooveel ClOBIll1]l{ al het afkoniend wate1· te kunnen benuttigen
[ • ••
jv en zoo 111111 lTlOg€l]Jlï benedenwaarts verloren te doen gaa11.
,; H1] zegt dan ook (blz. 100) terecht: >> de Lek is niet onuit­ ‘
Y >>puttel1]k" Is er nu geen stuw beneden Vreeswijk, da11 .
l zal er bl;] die lage rivierstanden, dus bn weinig afvoer, veel
verloren gaan, ten 11adeele va11 de11 gevorderden tijd. Wij be- 4
te schouwen dit dan ook als geen gering voordeel der stuw.
F W aar de SCll1`l.]VB1', zooals gezegd is, däll ook de onkosten {ë;
der stuw slechts met zijn inlaat te Schalkwijk vergelijkt, lïêllli
ll;] aa11 de stuw een veel te beperkte verdienste toe en ziet jj
o. a. haar waarde, 111et het oog op de inondatiën bezuiden de ré
Lek, geheel over het hoofd. ­
Uit l1et voorgaande volgt derl1alve, dat , zoo e1· al bezwaren ,
_ tegen het 111aken van de stuw, kunnen bestaan, Kainos o11s
ook in dit opzicht weer niet heeft kunnen overtuigen, dat de
door hem aangevoerde bezwaren gegrond zijn.
- Toch moet gegronde betoogen aanvoeren, als h1j ons
wu overtuigen, dat de Regeering zoolang deze zaak verkeerd
‘ heeft 111gezien. De qucmtiteit van het door de stuw te ver-
1 l(1‘1]g`€11 11ut (hoeveel tijdsbekorting bij lage rivierstanden),
* kunnen W1] niet anders dan, zooals boven is geschied, verge-
l1jl{(;‘]1€lB1'W1_`jZ@ beoordeelen, omdat ons daartoe de gevorderde
lolonswük kan regelen, dat veel eerder bij zijn inlaat te Schalkwijk '/Z011(lC1‘ stuw)
· het door hem gevreesd gevaar van een «·em·am5 izzpémezm zou intreden.
1 De Schrijver spreekt ook te veel over sluiswydte; `t zit hem meer in de afvoer-
‘ en toevoerkanalen. Een wüd kanaal kan, om zoo te zeggen, een nauwe sluis bij-
sjiringen; niet zrécc-versa. Kainos heeft het gezegde van den Heer STIELTJES wat te
N letterlijk opgenomen De slnis te Wijk li. v., waarop hij nog al afgeeft, zou nog
voor een l1lCCl‘ VGl'1‘l1lIll(ilGll Kroninien Rijn voldoende zijn.
(L) Wij meenen dat in den tegmwuum/iycaz toestand van llüll Rün, bij lage
standen `(I M. ·%· M. R., gedurende de 6 zomermaanden, zijnde ongeveer te
Vreeswijk den door Kanios vermelden stand ran + 0.94), de Lek wel geen
280 M3. zal afvoeren (blz. 95 van Kainos). |)ie hoeveelheid zou, blijkens een
. gemaakte benadering, tegenwoordig hoogstens waarschijnlijk 200 M°". zijn. De V
rivierp1·oiielcn zijn in den laatsten tijd te veel veranderd, om uit gelijke lage (
‘ standen met vroeger, dezelfde besluiten te trekken. ‘)
P
l
l