HomeDe nieuwe Hollandsche waterlinie in bescherming genomen tegen de jongste, naar aanleiding der Wet van 18 April 1874 (no. 64), puPagina 71

JPEG (Deze pagina), 883.64 KB

TIFF (Deze pagina), 6.85 MB

PDF (Volledig document), 67.97 MB

69
acht, er overleg plaats heeft tusschen dit Departement en dat
van Binnenlandsche Zaken, om, - laat de kosten dan door
eerstgenoemd Departement grootendeels of geheel gedragen
worden, ­- van wege Binnenlandsche Zaken, met het oog op
e de belangen der scheepvaart, zulk een stuw te doen maken.
Zeker waren dan, als bedoeld Art. 30 moeilijkheden in den
2 weg legt, deze grootendeels opgeheven. VVij nemen natuurlijk
daarbij de mogelijkheid der constructie aan, ook met het oog
op onze rivieren , nadat zij door achtereenvolgende Minis-
ters, waaronder zelfs een gewezen Genie­OfHcier, is voorgesteld
geworden.
Y Buitendien, is het niet vreemd, dat gedurende het bestuur
3 van 3 Ministers van Oorlog, dit bezwaar zoo weinig geteld
0 wordt, dat z§ de zaak blijven voorstaan; terwijl nu eens-
klaps die moeilijkheid als lioofdargument tegen den bouw ge-
bezigd wordt? Of denkt soms de tegenwoordige Minister van
. Buitenlandsche Zaken er anders over, dan zijn voorganger;
, of wie dan ook, voor ons Land, niet het waken voor het in
l stand houden van de bepalingen dier Conventie belast is?
Want om in ernst te spreken van belemmeringen, der
scheepvaart in vredestijd aangedaan, gaat toch niet wel door.
Van Visé tot Givet en hooger op de Maas, en op zooveel
andere rivieren, maakt men juist de beweegbare stuwen in
l het belang der scheepvaart. De annexe schutsluis zou hier,
tijdens den bouw (zie hierna blz. 70), de schepen van het
eene rivierpand in het andere moeten brengen. stellen
ons dan ook voor, dat, evenals op de Maas, Seine, enz. is
geschied, ook desgevorderd op de Lek, de bouw wel zoo ge-
regeld zou kunnen worden, dat de scheepvaart, gedurende
dien tijd, er nagenoeg geen beletsel door ondervond. ,
En zie, als die stuw in verband met de belangen der
scheepvaart werd gemaakt, dan verviel onmiddellijk het be-
zwaar van verzanding, zoo dit er is; daar, blijkens de teeke-
ningen der buitenlandsche beweegbare stuwen, slechts nu en
dan, ter beproeving, de ramen zouden behoeven te worden
opgezet, terwijl de keering (naar het schijnt, met ribben) niet
. geplaatst behoeft te worden, zoodat opstuwing van eenige
beteekenis zich bij zulk een beproeving niet zou voordoen.
De scheepvaart, zou dus door die beproeving, - waarmee
hoogstens uren gemoeid kunnen zijn, -­- nooit belemmerd be-
hoeven te worden, dank aan de schutsluis.
Maar het bezwaar van opzettelijke vernieling, bij aanstaand
S
1