HomeDe nieuwe Hollandsche waterlinie in bescherming genomen tegen de jongste, naar aanleiding der Wet van 18 April 1874 (no. 64), puPagina 64

JPEG (Deze pagina), 895.10 KB

TIFF (Deze pagina), 6.85 MB

PDF (Volledig document), 67.97 MB

l
62 l
Die bewering van hem begrijpen dan ook niet. Juist
zijn meening, dat de hoofdaanval op de Lek-stelling geschieden 1
zal, had hem moeten doen besluiten, tot een allerwaarschijn­
lijkst geld/ctädiq intreden van het tijdperk der passieve defensie
op beide oevers dezer rivier.
De Stelling vooruit Kuilenburg, maakt met de Werken N °. 8 v
en9 op den rechter oever één geheel uit. Op één der oevers .
geforceerd, wordt standhouden ter plaatse op den anderen
oever, geheel buiten de ixzondaztiën, ondoenlijk. En nu is een
aanvaller meester van Wijk, meester van de door Kainos voor-
gestelde sluis te Schalkwijk geworden en heeft het er eens
op gezet - bü een lagen waterstand - zich van den Diefdijk
meester te maken; welk peil behoudt men dan aan ’t Spoel, ‘l
als èn te Wijk èn te Schalkwijk, dus bovenwaarts er van,
zooveel doenlijk, water uit de Lek onttrekt? ,
Nu geldt buitendien de tegen polderkaden steunende, zoo Q,
beperkte roode inondatie van de actieve lijn van Kainos (blz.
S6, 87) hier ook niet meer; want door enkele coupures in die
kaden - de aanvaller kan ze nu zeer zeker bereiken (1) - breidt
het water zich door de slooten rin de daarbuiten gelegen lan- "
den ­uit. Het zou dan ook lang, waarschijnlijk te lang, du-
ren, voordat de inondatie, die in dit geval niet anders beschouwd
kan worden, dan als tot hare natuurlijke grenzen te zullen
worden uitgebreid, het peil van + 1.2 a ··l· 1.3 bereikt heeft,
zelfs bij een waterstand van -3- 1.64 (blz. 95 van Kainos) aan j
’t Spoel. Volgens een globale benadering toch zal er tusschen Lek
en Linge daartoe ruim 15 millioen M3. water gevorderd worden, 5
Als waterbron is dan ook de Lek , lage rivierstanden, l
zooals beschouwt hooge standen vervalt steeds het
bezwaar van gevorderden tijdduur en zouden noch te Wijk,
noch te Tiel sluizen zoo vereischt zijn, bepaald onvoldoende te l
noemen. Niettemin is de Lek en niet de Linge (zie blz. 109) 4
zijn hoofdbron voor deze inondatie. (
Wat is nu zijn tweede bron? De opgezette Linge; evenwel ä
(l) Alhoewel Kainos beweert, dat die inoudatie bij zijn actief stelsel voldoende
is, merken wij toch op, dat ondanks de Forten N". 11 en 12, een aanvaller j
eoupures kan maken in de haar zuidelijk steunende polderkaden, waardoor hij ons 5
dwingt veel meer water in te laten en waardoor hij ons tevens meer in de Positie
Asperen zal opsluiten. Benoorden de Lek heeft hij overal angst voor een keerkade, ’i
zelfs als zij zich slechts 1000 M vooruit de Sterkte uitbreidt (Blauwkapel b. v.);
hier de keerkadeu geheel aan lmar lot overgelaten, lle cohesie der w:1te1‘deelf_jes is Q
bezuiden de Lek niets grooter dan beuoorden. j
E