HomeDe nieuwe Hollandsche waterlinie in bescherming genomen tegen de jongste, naar aanleiding der Wet van 18 April 1874 (no. 64), puPagina 32

JPEG (Deze pagina), 875.93 KB

TIFF (Deze pagina), 6.88 MB

PDF (Volledig document), 67.97 MB

¤ l
30
» bij een storm uit het noordoosten, - op »overloop van de
»Vechtdijken, natuurlijk gevolgd door doorbraak, dus waters- è
»nood op al onze communicatiën, misschien te Amsterdam"
, (blz. 23).
j Toegestemd weer; ’t kanaal zal nu bij inversie werken en
L water binnen laten vloeien met een verhang van stormpeil en M
' inondatiepeil 0.2). De hoeveelheid kan Kainos bepalen; g
zulks hangt weer af van de profielen, die hp zich voorstelt
l aan het kanaal te geven. Slechts dit: om genoemd bassin van g
- 0.2 tot + 0.3 op te zetten , is, volgens een globale schatting, il
l ongeveer 70 millioen M3. water noodig. Hoe lang zal het dus
wel duren, vóór dat binnenvloeien last aan den op -4- 0.6 en `
hooger gelegen linker Vechtdijk doet ontstaan? De geheele
Zuiderzeedijk met het annexe voorland kan toch niet wegge­ (
graven worden!
Nu laten wij buiten beschouwing, dat juist dan, bij die stor-
men uit het noordoosten (gelukkig in onsLand zeer zeldzaam, maar
een uit het westen blazend tochtje hielp hem in zijn redenee-
ring niet, daar ’t water dan tegen ’t Gooiland zou worden op-
gejaagd, wat zeker ens niet zou hinderen), uit de achter de Utrecht-
sche Linie gelegen boezems van Amstelland en Rijnland prachtig
gespuid zal kunnen worden te Gouda, Katwijk, op het thans
afgesloten IJ, door Delfland op de Maas, enz. Alhoewel nu
die boezems, met het oog op het dan dreigend gevaar, in die 4
oogenblikken wel zooveel doenlijk zullen zijn opgezet,‘ zal
dit, ten gevolge van de peilen der kaden, niet tot A. P. kunnen
geschieden, zoodat de Vecht, die met Amstelland en Rijnland
op vele plaatsen in verbinding is, steeds, bij een peil van
+ 0.3, door die boezems kan loozen; ja op den duur veel meer
loozen door die menigte verbindingskanalen, dan ooit ’s vijands
kanaal ons, in eenige achtereenvolgende etmalen, uit de
Zuiderzee kan aanvoeren. ,
gelooven, dat ook hiermee voldoende het andere be-
zwaar van den Schrijver is wederlegd, terwijl ook buitendien ;
die hooge standen nooit ettelijke etmalen achter elkander duren.
Dat men met water spelende, ~­ bij het inondeeren, - zijn
voortdurende aandacht overal op dit hulpmiddel onzer defensie
gevestigd moet houden, teneinde ongelukken te voorkomen,
is ontwijfelbaar; maar dat Kainos hier verschrikkelijk overdrijft, j
is niet n1inder zeker. ,
Na het voorgaande vragen echter: heeft, zelfs als j
Naarden van geen vooruitgeschoven Forten­kring is voorzien,
ä