HomeDe nieuwe Hollandsche waterlinie in bescherming genomen tegen de jongste, naar aanleiding der Wet van 18 April 1874 (no. 64), puPagina 26

JPEG (Deze pagina), 859.52 KB

TIFF (Deze pagina), 6.97 MB

PDF (Volledig document), 67.97 MB

(
i
. 24 · l
. en te land, dat moet ons doel zijn; maar aan strategische
. uitvallen te denken, zelfs met bondgenooten, tusschen Naarden
’ en den Biesbosch (Kainos blz. 110); -- de geheele Linie tot
·· zulk een actieve verdediging in te richten; ­- is door de «·
l terreinsgesteldheid een bepaalde utopie en zou ons in vredestijd ,
Sterkten kosten, wier nut in oorlogstijd de er aan bestede
Ex gelden voor aanleg, wapening, enz. niet zou vergoeden.
, Zijn dubbele Linie bezitten wij in de achter de Nieuwe Hol-
g landsche Waterlinie, een aanval uit het Oosten, mogelijke
`jl polderverdediging. Lang zullen Muiden (liefst Nieuwersluis) p
jj en Gorinchem de steunpunten kunnen blüven, dier meer achter-
I waarts te kiezen Positiën, om ten slotte, als het verband met
L laatstgenoemde Vesting onmogelijk zal zijn geworden, geheel j
i op den rechter Lek-oever over te gaan en in het gedeelte der
ig Stelling van Amsterdam bezuiden het IJ, eindelijk onzen laat-
l sten weerstand te bieden. In dien zin moet de studie van onze
j Ollicieren geleid worden. Te meenen, dat als (wat hoe ook
g ingericht, te11 slotte altijd gebeuren moet) eenig acces in de
I Nieuwe Hollandsche Waterlinie geforceerd is, de defensie niet
l meer vol te houden zou zgn, bewijst geen voldoende kennis
van het er achter gelegen terrein. Op het gedeelte Muiden-
Nieuwersluis komt het, benoorden de Lek, vooral aan en ge-
lukkig is, zooals tot dusver de Linie bestaat en het voornemen A
publiek is gemaakt haar te verbeteren, het forceeren van dit
gedeelte, eenige activiteit onzerzijds, kolossaal moeilijk. j
` j III. NAARDEN - Wnsrnnonk. j
N ä
l Na zijne beginselen uiteengezet te hebben, komt Kainos tot
de inrichting van de verschillende gedeelten der Nieuwe Hol- ë
landsche Waterlinie. Dat wij ook hierin niet alles toesten1­
jj men, is na het voorgaande, duidelijk. Omdat echter daarin ‘
beweringen voorkomen , die, zoo niet te wederleggen waren, j
jl den voorstande1·s van de tot dusver gehandhaafde inrichting i
l der Linie min of meer een stempel van idiotismus op het g
l _ voorhoofd zouden drukken, schijnt het niet overbodig hem
K verder te volgen. _ 2
V Zijn eerste betoog betreft de noodzakelijkheid van het in 1
» den jongsten tijd ontworpen Offensief vooruit Naarden. Minder
j als >>Ofl`ensief," dan wel als Opnan1e­Stelling en om het weer- *
L l
l
g` .
ly 5