HomeDe nieuwe Hollandsche waterlinie in bescherming genomen tegen de jongste, naar aanleiding der Wet van 18 April 1874 (no. 64), puPagina 17

JPEG (Deze pagina), 903.53 KB

TIFF (Deze pagina), 6.97 MB

PDF (Volledig document), 67.97 MB

15
gen, zou hij, in verband met het versterken van bestaande
buurtschappen, steeds zulle een uitval vruchteloos maken.
De door uitvallen te behalen voordeelen, de afstand, waarop
zij invloed uitoefenen, groeien aan met de mogelijkheid voor
den verdediger, om door den Forten­kring beschermd, zooveel
doenlijk onverwacht, aan een iets beteekenende troepenmaeht
een behoorlnke geveehtsformatie te kunnen doen aannemen.
Uit den aard van het terrein zullen dan ook die uitvallen,
uit verreweg het grootste gedeelte van de door den Schrijver
voorgestelde Linie, betrekkelijk weinig invloed uitoefenen.
Dat hij in de Wet de Grebbe­Linie e. ce., als Voorposten­
Stelling der Nieuwe Hollandsche Waterlinie genoemd ziet, is
verder voor Kainos reeds een voldoende reden, om de geheele
Nieuwe Hollandsche VVaterlinie tot opneming van terugtrek-
kende troepen in te richten. wijst daarbij ook op de ver-
dedigers van de korte Linie Ochten­Spees en op hen, die zoo
lang mogelijk stand moeten houden bij de sluizen te Wijk-
bij­Duurstede en te Tiel.
Wat onze troepen in de Linie Ochten-Spees, zoomede die
bij Wijk-bij-Duurstede en Tiel betreft, wij zijn overtuigd,
dat als de Grebbe-Linie benoorden den Rijn door ons verlaten
moet worden, wij ook de Linie Ochten­Spees zullen moeten
ontruimen, omdat zij door den rechteroever van den Rijn ge-
heel gedomineerd is. Omgekeerd maakt dit echter weer een
aanval, uitsluitend op de Linie Ochten-Spees gericht, veel
moeilijker; terwijl er, na ’t verlaten der Grebbe­Linie, van af-
houden te Wijk en Tiel geen sprake meer kan en behoeft te
zijn. Trouwens zijn de daar aanwezige sluizen dan nog voor
ons noodig, zoo werpe men de schotbalken in Lek en Waal,
verniele bij eerstgenoemde sluis, zooveel noodig, de schuiven, en _
. zoo spoedig heeft de aanvaller daar alsdan nog geen dam of
‘ keering gemaakt. Wij behoeven voor overlast van water niet
meer bevreesd te zijn , dan wanneer die keeringen met de
sluizen in ’s vijands handen vallen, daar hij ons alsdan dat
genoegen, zoo hij dit oorbaar acht, toch kan bezorgen. Bui-
tendien, hoewel steeds een zeer veel toezicht vorderende toe-
stand, zijn er gelukkig achter onze Linie voor het overtollige
water overal aflaten.
hebben dus hoofdzakelijk te doen met den. terugtocht
* der troepen, in de Grebbe­Linie benoorden den Rijn opgesteld.
Haar waarde, gaa defensielijn, kan hier buiten beschouwing
i