HomeHet belang van de studie der godsdiensten voor de kennis van het ChristendomPagina 20

JPEG (Deze pagina), 900.42 KB

TIFF (Deze pagina), 9.80 MB

PDF (Volledig document), 32.00 MB

I 18
arbeid meer algemeen bruikbaar maakt. Die methode bij ’t bewer- ·.
ken van dat materiaal toegepast, zal ons in de kennis van ’t histo-
j rische Christendom een goed eind doen vorderen. En wg behoe- :
l ven daarbij niet te vreezen, dat deze winst een verlies zal zijn voor ,
het geloof des harten. Onafhankelgk van ons oordeel over de histo­ E I
I rische ontwikkeling van het Christendom is de zegen, die het Evan- I
gelie aan het hart brengt. Deze godsdienst, van de Joden af kom-
I stig, moge een Romeinsche, een Germaansche geworden zijn, onder ,
j alles en nog heden ten dage blijft hij de godsdienst, waarvan Jezus
I Christus het middelpunt en het levensbeginsel is.
E l.[•
Maar nog op andere wijze kan de studie der godsdiensten vrucht-
haar zijn voor de kennis van het Christendom, door nml. die gods-
diensten met het Christendom te vergelgken. Er zgn punten, die
aanstonds tot zulk een vergelgking uitlokken. Het Lamaisme met
zgn hiërarchie en zgn cultus, zgn monniken en rozenkransen her- i
innert bij den eersten oogopslag aan de R. K. kerk. De moeder-
godin, die koningin is des hemels, vindt men niet alleen in genoemde
afdeeling der Christenheid, maar evenzeer in het oud­egyptische l
pantheon. De christelgke leer van den duivel doet ons denken aan
de Perzische van Ahriman en aan die van Set-Typhon uit een later I
tijdvak van den Egyptischen godsdienst: parallellen, die tot op zekere, I
nog niet met volkomen juistheid te bepalen, hoogte, voor een his- I
torisch verband pleiten. Doch het komt mij voor, dat dergelijke voor 4
de hand liggende overeenkomsten dikwgls bedriegelgk zijn en min- I
der licht verspreiden dan men wel meent. Om een rechtvaardig
oordeel te vellen moet 1nen ook in dezen verder gaan dan den Ip
oogenschijn. Wij verwijden onzen gezichtskring door niet enkele
afzonderlijke gedachten of gebruiken, maar hoofdrichtingen en alge- ij
I
I
I
I
I
_ 6
I
a