HomeToespraak bij gelegenheid van de overdracht van het rectoraat der Utrechtsche Hoogeschool op 1 Oct. 1877Pagina 10

JPEG (Deze pagina), 814.67 KB

TIFF (Deze pagina), 9.82 MB

PDF (Volledig document), 13.75 MB

rgvi
l
P.
8 x.
H zoude geweest zijn. Dat wij U beiden mogen behouden
maakt ons trotsch, want wij mogen daarin eene eerste
· zege van Utrecht begroeten in den wedstrijd der Hooge-
. scholen van Nederland.
Maar wij zien niet slechts behouden en vaster zelfs aan
ons verbonden mannen die men trachtte ons te ontne-
men, nieuwe medestrijders zullen ons worden toegevoegd.
Hulde aan den onvermoeiden ijver en de wijze voorzorg
van H.H. Curatoren die hebben getracht, op de nieuw
j verrijzende leerstoelen mannen te doen optreden die wij
met ingenomenheid de onzen of nu reeds noemen of hopen _ ‘
` eens te zullen noemen.
ls het getal der nieuw benoemde hoogleeraren voor- p
loopig nog kleiner, dan in het belang van het onderwijs ‘@i
‘ aan onze Hoogeschool mocht worden verwacht, wij geven
’ï de hoop niet op dat op dat punt de hooge regeering spoedig
, zal weten rechtmatige eischen, ja plichtmatige eischen te
r bevredigen. .
E Onder de algemeene waarheden waartoe de beschou- à
, H wing der menschelijke ontwikkeling, ja reeds ieder blik _
H op de levende natuur leidt, is er geen die met zoo
, onweerstaanbare macht zich aan een ieder opdringt,
dan die, dat vooruitgang gebonden is aan verdeeling van `
den arbeid. VVaarom noemen wü het eene een hooger,
het ander een lager organisme, waarom plaatsen wij den
al j= eik hooger dan de gistplant, het zoogdier hooger dan de
kwal of den polyp? Niet omdat de eerste in hun soort _
Ji?