HomeHet raadsel der ervaringPagina 37

JPEG (Deze pagina), 855.13 KB

TIFF (Deze pagina), 7.31 MB

PDF (Volledig document), 44.29 MB

{ 35
4 der wet van Q8 April ’l876, ontbraken; van verschillende
, zijden werd er bij de Hooge Ptegeering op aangedrongen,
, dat zij besluiten mocht althans de bestaande leemte nog
aan te vullen; het mocht niet baten. Had Z. E. de Minister
ooit aan het hoofd van eene boekerü gestaan, misschien
ware hij dan minder onverbiddelijk geweest, want in dat
geval zou hij uit eigen ondervinding geweten hebben,
hoe dikwijls die overtollig geachte Annales met een
, biographisch of ander doel geraadpleegd worden. Onaf- J
` hankelijk van elkander besloten dan ook de Senaten der
{ drie Bijksuniversiten tot voortzetting der zoo nuttige
{ uitgave, zij het onder een anderen vorm; iedere Rijks-
, universiteit heeft nu haar eigen jaarboek; wij, leden van
l den Academischen Senaat, bekostigen uit eigen beurs
het onze, waarvan het eerste deel in den loop van dit
i jaar verschenen is, terwijl het tweede zoo spoedig mogelijk
I, zal volgen. Aan de samenstelling van dat eerste deel is
veel tijd en veel moeite ten koste gelegd, met name door
U mijn voorganger in het rectorale ambt, Prof. van Bell,
l en door den Heer Bibliothecaris Prof. Enschede, aan
wie wij daarvoor onzen hartelijken dank brengen.
Die annalenquaestie , bij welke de Minister zich misschien
wat karig tegenover de Universiteiten heeft betoond, is
. een kleinigheid. Veel bedenkelijker vlaag van zuinigheids-
koorts werd door ons waargenomen bij de afdeelingen
I der Tweede Kamer, d. i. bij de mannen, die feitelijk de ,
koorden der beurs in handen hebben en zonder wier ;
' hulp en aanmoediging geen Minister in staat zal zijn ,
aan onze Universiteit, welke reeds veel gekregen heeft
maar nog meer ontvangen moet, al datgene te schenken
‘ wat haar thans nog bij zusterinstellingen hier te lande
en elders doet achterstaan. Bij wat ik ga zeggen, kan
l" ik gelukkig onomwonden spreken, zonder iemand te _
3*
_ gi
l , a
in er "