HomeHet raadsel der ervaringPagina 30

JPEG (Deze pagina), 805.72 KB

TIFF (Deze pagina), 7.16 MB

PDF (Volledig document), 44.29 MB

.g_
28 .
dat loochening van alle kennis in zich sluit. De mensch
kent de werkelijkheid enkel, zooals hij haar waarneemt en ‘
begrijpt, dus in betrekking tot zich zelf. Dit is geen ç
zwakheid van ons kenvermogen, geen noodlottige grens á
van ons weten. Zelfs een God kan geen kennis hebben, .
zonder tevens subject vom kermis te zijn.
Thans nader ik tot het einde mijner rede. Ik heb op j
eigen trant u het zwaartepunt der wijsbegeerte aange-
wezen, welke door Kant in zijn beroemd hoofdwerk is i
ont.vouwd geworden. Ten onrechte werd het door Soho- ·
penhauer in de Transcendentale Aesthetiek gezocht, in j
de leer, volgens welke tijd en ruimte slechts vormen van 1.
waarneming zouden zijn. De oplossing, die Kant van het “_
raadsel der ervaring geeft, is zoo algemeen, dat zelfs hij, E
die ’s mans beschouwingen over tijd en ruimte verwerpt,
er zijn zegel aan kan hechten. · '*
Wij hebben gezien dat de werkelijkheid uit den aard
der zaak slechts in hare betrekking tot een subject gekend
kan worden. Volstrekt objectieve kennis, een weten,
waarop het subject niet zijnen stempel drukt, is eene
contradictio in adjecto.
Kant zelf werd ontrouw aan dit juiste inzicht, toen hij l
het absolute weten als een onbereikbaar ideaal afschil­ ‘
derde,. bij welks licht de betrekkelüke kennis des men- i
schen tot eene kennis van bloote verschijnselen zou ver- ·‘7
bleeken. Doordrongen van de majesteit van het plicht- j
gebod, kon zijne edele ziel geen wereld verdragen, waarin
alles volgens wetten samenhangt en voor een willen, dat
van karakter en omstandigheden onafhankelijk is, geen
ruimte overblijft. Hij nam aan, dat het menschelijk ken-
vermogen onsniet de echte werkelijkheid, maar slechts
eene wereld van verschijnselen ontsluit, ten einde de ledige
á