HomeHet verband der staatwetenschappenPagina 32

JPEG (Deze pagina), 834.39 KB

TIFF (Deze pagina), 7.57 MB

PDF (Volledig document), 29.32 MB

{V lr
al l
l
ll
lg eo
lf Er is derhalve eene combinatie noodig, die ik mij T
aldus voorstel. j
ix Vóór alle dingen moet de beoefenaar der staatswe­ ,
tenschap zich plaatsen op historisch terrein en door
eene zorgvuldige en critische beoefening der geschie­ E
T denis de gebeurtenissen pogen te verklaren, die op het `
gebied van het staatsleven plaats grepen. Vooral vergete
{ hij niet den invloed op te sporen, die de uitwendige
ii natuur en het karakter der verschillende volken op de
l' vorming en ontwikkeling der staten heeft uitgeoefend. !
{ Zoo zal hij niet alleen een rük materiaal verzamelen, rz
f maar ook tot algemeene gevolgtrekkingen kunnen komen,
‘° die in waarde stijgen, naar gelang de omvang en diepte
5 zijner nasporingen toeneemt. Doch hij verlieze nimmer jj
uit het oog, dat deze gevolgtrekkingen slechts empirische lj
wetten zün, en - bij gebreke van causaal­inductie ~ `
nimmer den rang van netuur­wetten kunnen krügen,
zoolang zij niet bevestigd zijn door de uitkomsten van
redeneeringen, door deduetie uit de wetten der men-
schelijke natuur afgeleid. De psychologie -­- ik herinner
1. uitdrukkelük aan die van Rohmer - moet aanleg en
bestemming van den mensch en van züne groepeering _
in volken aan het licht brengen en alzoo de kiemen
der staatsorganisatie opsporen. Zelfs indien de op deze · u
wijze gevonden conelusiën de juistheid der empirische
wetten niet boven allen twüfel verheffen, maar alleen
waarschijnlijk of wel mogelijk maken, is er reden tot
tevredenheid. Men verwaarlooze slechts geen enkele
l` voorzorg en worde niet moede telkens op nieuw de
P resultaten van het tweeledig onderzoek te vergelijken.
Eene alsdan gevondene overeenstemming geeft aan de
ï onzekere uitkomsten van beide methoden eene verras-
V sende mate van waarschijnlijkheid, waaraan geene l
li
l i