HomeDe Spoorweg Nijmegen ArnhemPagina 40

JPEG (Deze pagina), 857.74 KB

TIFF (Deze pagina), 6.99 MB

PDF (Volledig document), 36.15 MB

,, . - . .
38
een tweede spoor noodig maakt. Volgens de constructie voor den boven-
bouw van Bommel gevolgd, heeft elke brug eene buitenwerksche breedte
van 6.50 M, te zamen 13.00 M. Voor de lengte van het regt gedeelte der
pijlers wordt dus gesteld 14.00 M. Neemt men voor de lengte de1· opleg­ ­
ging op elken pijler 2.00 M, dan moet de dikte van den pijler minstens
4.00 M zün, zij wordt gesteld op 5 M (die dikte is ook voor de brug over A
den Moerdijk aangenomen). e ·_
Tot boven den hoogsten waterstand worden voorts de pijlers voorzien g
van spitsboogvormige ijsbrekers.
De zijvlakken der pijlers worden opgetrokken onder eene helling van _ t
1/2.,, terwijl de voet door versnijdingen en een plint wordt verlengd en ver- Q
breed, zoodat de dikte des pijlers op de fundering wordt 7.00 M, en de r
lengte van punt tot punt 25.72 M. . _
De betonfundering steekt overal minstens 1.25 M buiten den buitenom­ _
trek des pijlers uit en heeft alzoo eene lengte van 28.22 M bij eene breedte g.
van 9.50 M binnen den damwand gemeten. t
20. Druk uitgeoefend door het gewigt van den pijler met bovenbouw i
en toevallige belasting op den bodem.
` Tot het bepalen van den druk op den bodem, heeft men in ronde cijfers: Y;.
Eigen gewigt van den metalen bovenbouw voor twee
bruggen, elk lang 126 M ............. 1600000 KG.
Belasting ad 3500 KG per M 2 >< 126 >< 3500 : . . . 882000 » i
3300 M3. Metselwerk, ha1·dsteen en beton ad 2000 KG «
de M3 .................... 6600000 » L
Totaaldruk op den bodem . 9082000 KG.
af te trekken: voor het gedeelte onder. water, gerekend ·
beneden 7.50 M + AP, 1700 M3 ad 1000 KG ..... 1700000 »
Blijft totaaldruk op den bodem . 7382000 KG.
stel 7400000 KG.
De oppervlakte der betonfundering is 250 M’, de druk (per e.M*) be- _
draagt dus nog geen 3 KG, hetgeen voor den vasten bodem te Nijmegen,
die uit een mengsel van zuiver zand en kiezel bestaat, zeer gering mag
geacht worden.
30. Den wederstand tegen ijsgang.
Wat aangaat het bestand zijn tegen ijsgang, is het moeijelijk daarom-
trent berekeningen te maken, die eenigen grond van zekerheid geven en
doet men het beste na te gaan wat de ondervinding daaromtrent heeft ge-
leerd. Onder de uitgevoerde bruggen, hebben die te Mainz, Venlo, Roer-
mond en den Moerdijk de dunste pijlers, namelijk te Mainz 4.25 M (over-
spanning van 105 M), te Venlo 4.35 M (overspanning van 53.50 M), te
Roermond 3 M (overspanning van 59 M) en te Moerdijk 5 M (overspan-
ning van 100 M). Daarenboven heeft de lengte van een pijler meer invloed
op den weerstand tegen ijsmassa’s dan de breedte; toch is bij de brug
. over den Moerdijk de lengte slechts 9.00 M.
De bovendikte van 5.00 M, verzwarende tot 7.00 M op de fundering, ° ·
is dan ook volkomen voldoende te achten.
Voor de landpijlers is aangenomen eene fundering van beton, binnen
een damwand dik 15 c.M.
Ai
{
. r,___,, p