HomeNederlandsche en Luxemburgsche ridderordenPagina 5

JPEG (Deze pagina), 777.06 KB

TIFF (Deze pagina), 6.92 MB

PDF (Volledig document), 17.12 MB

I J
. Q
E De aanleiding tot het schrijven van deze bladzijden is _,
` eene polemiek, vóór eenige maanden in een provinciaal · Y
dagblad door twee ongenoemde schrijvers gevoerd. Die
pennestrijd leerde mij, dat van zekere zijde de stelling
» wordt verkondigd: » de instelling der O1·den van de Eiken- i
kroon en den Gouden Leeuw van het Huis van Nassau · _ii·
‘ _ is in strijd met de Grondwet van het Koningrijk der
Nederlanden?
L Het zou de moeite niet loonen, te onderzoeken welke
[ doeleinden de verdedigers van deze zonderlinge leer zich
A voorstellen. Doch het kan zijn nut hebben, het belang- ` ?
·, stellende publiek door eene juiste voorstelling der feiten
Q, te wapenen tegen de drogredenen van hen, die hetzij uit
onkunde of uit andere oorzaken, de zooeven neergeschre-
ven stelling verdedigen, en er allerlei insinuatien jegens
den Persoon des Konings uit putten.
’» Daarom heb ik mij tot taak gesteld, in korte woorden
uiteen te zetten hoe men de Ridderorden van de Eiken- Y
0 kroon en van den Gouden Leeuw van het Huis van
V " Nassau in betrekking tot den Persoon van haren Groot-
meester, Z. M. Willem III, moet beschouwen. Tevens
1 wil ik daarbij een paar opmerkingen voegen betreffende
j het wenschelijke van de instelling eener nieuwe Neder-
i landsche lïtidderorde.
` Dat ik bij het in ’t licht geven van dezen arbeid mijn
5 naam verzwijg, zal iedere lezer bij eenig nadenken gewis
5 i goedkeuren. Ik schrijf over zaken, niet over personen ­­­ H
behalve in zooverre mijn geschriftje dient tot het weder··
leggen van verkeerde meeningen omtrent den Persoon des
.