HomeNederlandsche en Luxemburgsche ridderordenPagina 19

JPEG (Deze pagina), 869.84 KB

TIFF (Deze pagina), 6.86 MB

PDF (Volledig document), 17.12 MB

l
i 17
l handelwüze van de zijde der Ministers niet anders dan
bedenkelijk achten. Wel is Waar kan­men er strikt ge-
~ nomen, met de wet in de hand, niets tegen zeggen,
L want de bedoelde aanbeveling kan natuurlijk nooit het W
* · oiiicieele karakter eene ministerieele voord1·acht hebben,
. evenmin als er sprake kan zijn van een ministerieel
i contraseign. Doch aangezien de Orden van de Eikenkroon
en van den Gouden Leeuw van Nassau zuiver Luxem-
j burgsche Ridderorden zijn, waarover de Koning­Groot­
ii hertog in deze laatste qualiteit de geheel vrije beschik-
j king behoort te behouden, schijnt het mij toe, dat een -
i Nederlandsch Minister ook zelfs van zijn persoonlijken
l invloed bij Z. M. den Koning geen gebruik mag maken
om op benoemingen in die Orden te influenceeren. Te
meer mag men hier vergen, dat de Ministers zich van
j inmenging zullen onthouden, omdat deze geheel onnoodig l
j is. Wanneer een minister het wenschelijk acht, een ver-
dienstelijk Nederlander door een ridde1·kruis te beloonen,
è kan hij diens benoeming in de Orde van den Nederland-
sehen Leeuw den Koning voorstellen. Waarom dan de
ik toevlucht genomen tot eene Orde, welke aan Nederland
j vreemd is? Waarom voet gegeven aan de verkeerde voor-
j stellingen, welke in het buitenland ten opzichte van den
band tusschen Nederland en Luxemburg maar al te gul
worden verspreid?
§ Ik bouw dit oordeel geheel op een on dit, want ik
i ben niet in de gelegenheid te onde1·zoeken of het waar
E is, dat Nederlandsche Ministers zich met de Luxemburg-
j sche decoratien bemoeien. Doch nu ik de waarheid van
§ dat gerucht een oogenblik heb ondersteld, mag ik ook
° niet verzwijgen, wat, volgens denzelfden » men ," de
'l aanleiding tot deze min of meer bedenkelijke inmenging `
in de rechten des Groothertogs zou zijn.
Men zegt dan, dat de Orde van den Nederlandschen
E in Leeuw, welke slechts drie klassen telt, geene genoegzame
j ruimte aanbiedt voor het afpassen van de onderscheiding
1
I
i
6