HomeNederlandsche en Luxemburgsche ridderordenPagina 17

JPEG (Deze pagina), 874.95 KB

TIFF (Deze pagina), 6.85 MB

PDF (Volledig document), 17.12 MB

_A,;,___ Vd l)§%ïïy~;·;,,·­>.·r,*c.··;r,‘.··:‘, ­«1.·‘;.···<»-·­=»,., ,·ï;I;L­g·,­· .r «·:pew`><s,.;:;·¤1>»¤··;;y-:~_; <· z:¤>`.;==?·*`;~··ïT·-=ï,.,f>#­*=-="n­7­v‘ï‘:>·­···«:.;­»:·­·.vT~·=;r -•«­»­·¤»­­<>«~·-­­«~v-­-•
( ll-
schen is onvolmaakt, - zelfs eene Grondwet. Art. 65
is blijkbaar met eene goede bedoeling vastgesteld, doch
men had daarin voor_ de Luxemburgsche Orden eene uit-
i zondering behooren te maken.
M Ware er in ’t geheel geen voorschrift betreffende het ‘
aannemen en dragen van buitenlandsche ordesteekenen,
O zoo zou ieder Nederlander zich naar eigen fantaisie kunnen
tooien met allerlei ordelinten, en voorgeven dat hij die
l van vreemde Souvereinen had ontfangen. Het zou onmo-
l gelijk zün, eene contröle hierop uit te oefenen, want
j men zou van niemand kunnen eischen, dat hü de wet-
j tigheid züner aanspraken door vertooning van een brevet
~ bewees. Thans is art. 65 der Grondwet een waarborg tegen
. zulk een misbruik. Als iemand vergunning vraagt om
‘ eene buitenlandsche Orde aan te nemen, moet hij daarbij
Q overleggen het diploma of een ander stuk, waaruit blijkt
; dat hä werkelijk die Orde heeft ontfangen. Ten opzichte
van de beide Luxemburgsche Orden kan zulk een contröle
E echter overbodig geacht worden, omdat het publiek ge-
rucht deze taak genoegzaam op zich neemt. Wanneer
i iemand ten onrechte durfde beweren, dat hij Ridder van
de Eikenkroon was geworden, zou zün bedrog spoedig
genoeg aan het licht komen. De bepaling van art. 65 is
' , dus, voor de Luxemburgsche Orden, geheel overbodig, en
j een overtollige wetsbepaling is uit den aard der zaak
schadelijk. _
lf Bovendien is e1· iets zóó absurds in het denkbeeld,
l den Koning om toestemming te vragen tot het dragen
< eener decoratie welke Hij zelf, maar in eene andere qua-
liteit, heeft verleend , dat nog nooit iemand zich daaraan ,‘
' heeft gewaagd. Staatslieden en rechtsgeleerden, die dan
toch wel als de beste wets­uitleggers moeten beschouwd
Q worden, hebben - onverschillig tot welke politieke
, richting zij behoorden - de deeoratien van den Gouden
_ " Leeuw en van de Eikenkroon aangenomen en gedragen, J
f zonde1· de in de Grondwet bedoelde toestemming te vragen.
l