HomeOver: Onze kustverdedigingPagina 9

JPEG (Deze pagina), 1.08 MB

TIFF (Deze pagina), 7.83 MB

PDF (Volledig document), 41.57 MB

7
‘ ’l
· ­ ter dikte van 15 cM. gepantserde schepen vermoedelijk 19 treffers met voldoende ii
r · uitkomst ontvangen. Zün de schepen met 20 cM. üzer gepantserd, dan zal het l
`X getal van zoodanige treffers gemiddeld 15 bedragen. Deze uitkomsten (die
_ blükens het door mij zooeven opgemerkte zeker niet als te gunstig zgn aan
f 1 te merken) bevredigend te noemen, zou onbillijk zgn; maar, vergeleken bij
den tegenwoordigen toestand, kan men ze een groote schrede voorwaarts
I. " achten. Wierd een wapening van de Laan met 12, en van Kaaphoofd en
' Erfprins, elk met 4 kanonnen van 27 cM. , of wellicht van nog zwaarder kali- l
‘ ber, bijv. 30 clV[., aangenomen, zoodat het vaarwater tusschen de Laan en den 2
A Helder door 20 vuurmonden van de grootste soort vvierd bestreken, de nadeelige
kansen zouden voor den vüand nog aanmerkelijk toenemen; maar ook dan l
‘ nog zouden wij geen zekerheid hebben, dat wij, door middel dier batterüen ik
alléén, een vloot van pantserschepen de doorvaart naar de Reede zouden
‘ . kunnen verhinderen.
l Hoezeer alzoo instemmende met het gevoelen van den Schrijver, dat, ook
met een wapening van tien kanonnen van 27 cM., het nog altijd een waarheid blüft j
g _ dat, zonder versperring, het forceeren van het hierbesproken zeegat door een
L', pantservloot, niet kan worden belet, zou ik evenwel niet gaarne de mede
door hem geuite meening onderschrijven, dat het zelfs zeer denkbaar zou zgn ;
dat de vloot, indien zij het wenschelijk acht den strijd met de batteräen op j
‘ te zoeken, deze achtereenvolgens tot zwijgen zal kunnen brengen (bladz. 12),
en voorts dat het vuur der marine zelfs de overhand zal hebben op de geëche- _i
lonneerd liggende open batterijen van den Helder, al worden deze met kanon-
nen van 27 cM. gewapend (bladz. 13). Het is waar, wat de eerste meening betreft,
A dat de Admiraal Ponrnn zich in zün rapport in dien zin uitlaat en dat even- i
eens Von SGHELIHA daarop heenwüst; maar het is tevens een waarheid (die
J dikwijls wordt over het hoofd gezien, en inzonderheid bij het aanhalen van
j voorbeelden uit den Amerikaanschen oorlog), dat namelijk destijds de land-
•· batterijen bijna zonder uitzondering gewapend waren met kanonnen, die niets ij
tegen gepantserde schepen konden uitrichten, zooals o. a. bewezen wordt
door het op bladz. 10 aangehaalde feit, dat de Montaztls 2‘l4­maal getroffen
werd en niettemin tot het laatst dienst kon doen. Voorbeelden van een strijd .;
tusschen gepantserde schepen en goed gewapende kustbatterüen, nameluk met i
j het tegenwoordige geschut van groot kaliber, schietende hardijzeren of stalen A
puntprojectielen met groote aanvankelijke snelheden, bestaan niet. Overigens .
H is de opmerking geenszins van belang ontbloot, dat nagenoeg bü alle voor-
_ beelden uit den Noord-Amerikaanschen oorlog, welke worden bügebracht met
i betrekking tot den strijd tusschen pantserschepen en landversterkingen, ook
dan wanneer het vuur der kustbatterüen tijdelijk wierd gestaakt, deze laat-
‘ sten eerst tot de overgave zün gedwongen na gedurende een korter of langer
tijd mede door landbatterüen te zijn beschoten, of wel na een stormender- `
handschen aanval van de landzüde. Gezwcgen van de mogelnkheid om met
scheepsgeschut laaggelegen gemetselde versterkingen in bres te leggen, worden
i
- ik ""-e-«¥¥¥*‘*ï$ïi䤤¤-‘<ie=»­=-.-A-­­­­.n,t.,.r,a.ro,,/.. _ ,_ ,,,.`_ ;.n, , 1 __ _ [ Y gr M L.,~·’-