HomeHet Departement voor waterstaat, handel en nijverheidPagina 55

JPEG (Deze pagina), 892.80 KB

TIFF (Deze pagina), 7.53 MB

PDF (Volledig document), 76.91 MB

l il
i j
Y Q:
NEDERLANDS BELANGEN EN INDIëS GRIEVEN. 29 ll
Mees een zeer nauw verband tusschen het sluiten eener p
J leening ten laste van Indië èn de afscheiding der kolo­ ,
ië niale van de Nederlandsche financiën; dan is de lee-
ning in zijn oogen een middel, ja, het eenige middel
E _ om het Indische financiewezen van het Nederlandsche
los te maken. Voor die interpretatie pleit, dunkt mij, · ;
1 wat drie bladzijden verder in de brochure te lezen jl
A staat: >>Indië is niet onmachtig, en als het zichzelf hel- j
pen kan en helpt" [dat is immers: >>zelf de kosten eener
i leening draagt"?] >>dan wordt daardoor bevorderd het- g
` geen men steeds heeft gewild. De eventueele batige
saldo’s worden dan uitsluitend besteed voor de Indische ‘
L groote werken, en de vrees, dat, bij gemis_ van andere
bestemming, zij zullen gebezigd worden voor amorti­ ;
satie van Nederlandsche schuld, of tot den aanleg van
werken in Nederland, is dan opgeheven? `
Gesteld echter, dat de interpretatie juist is, de moei- g.
lükheden zijn daarmede niet ten einde. Veeleer geraken {
l wij dan uit den nevel in de duisternis. In het raadsel
namelijk, dat de heer Mees een onverbreekbaar verband {
bespeurt tusschen een geldleening voor rekening van t
ä Indië en het losmaken der koloniale van de Nederland- ï
sche financiën. Wie lost het op? Wie verklaart de per-
l tinente bewering, dat na het sluiten eener leening het
j hatelijke batigsaldo-stelsel tot het verledene zal behoo-
l­ ren? Indien het werkelijk zoo ware, zouden wellicht
I velen in Indië den heer Mees bijvallen, maar hg zelf
g moge de door hem bedoelde oplossing van het vraagstuk
j vurig wenschen en ten krachtigste voorstaan ook, alle
waarborg, dat zij door het Nederlandsche volk goedge-
I keurd zal worden, ontbreekt, en dus zou vertrouwen
een lichtvaardigheid zijn. Zelfs de waarschijnlijkheid