HomeHet Departement voor waterstaat, handel en nijverheidPagina 48

JPEG (Deze pagina), 851.81 KB

TIFF (Deze pagina), 7.52 MB

PDF (Volledig document), 76.91 MB

i
22 NEDERLANDS BELANGEN EN INDIëS GRIEVEN.·
wachtte tevergeefs op vervulling? .... >>En de Regee-
ring èn de volksvertegenwoordigers hebben begrepen,
( dat ook aan deze telken jare meer dringende behoefte I
zal dienen te worden voldaan, en dat onder anderen
ook met het oog op de steeds toenemende teelt van
producten voor de Europeesche markt, en bij gemis
_ van afvoerkanalen naar de zeehavens, met den aanleg
dier werken niet langer moet worden gedraald."
Uitmuntend! Het vele dat aan irrigatiewerken in Indië
is gedaan, was weliswaar niet waarneembaar (l); doch
dat doet hier weinig ter zake. -
Zonder buitengewone maatregelen zal echter, beweert
de heer Mees, aan spoorweg- en havenbouw thans niet
te denken zijn, omdat de oorlog met Atsjin in het ­
dienstjaar 1876 een tekort heeft doen ontstaan van onge- ‘
veer 16*/2 millioen, en ook in het loopende jaar (2) ver-
moedelük vrü wat meer zal kosten dan geraamd was.
Daarom is een leening voorgesteld bij het Wetsontwerp
­ tot vaststelling van de begroeting van Nederlandsch-
' Indië voor het dienstjaar 1878. Zoowel hier als in Indië
is men daartegen opgekomen: hier noch daar heeft men `
zich kunnen vereenigen met de uitkeering van een bij- E i
drage aan ’s Rijks middelen op hetzelfde oogenblik dat ‘
ten laste der kolonie een leening zou moeten worden
gesloten. Maar heeft men in Indië het pro en contra
wel overwogen? Het belang van Indië eiseht boven al-
les, dat er niet meer geredeneerd, maar gehandeld
(l) Vergelijk het officiëele Rapport omtrent het irrigatiewezen j
op Java en Madura met hetgeen er sinds de samenstelling en verschij-
ning daarvan­»gedaan" is.
(“) NB. De brochure. van den heer Mees verscheen in de laatste week j
van December jl.
E
l