HomeHet Departement voor waterstaat, handel en nijverheidPagina 31

JPEG (Deze pagina), 779.07 KB

TIFF (Deze pagina), 7.48 MB

PDF (Volledig document), 76.91 MB

’ l
A.K1';[èä>

nl "*".i»;;:s` .-2 ll
j , ‘ il wt. dj
. E
J li
I. i
. l
Te vertrouwen, dat Indië een schitterende toekomst -
wacht, is, helaas! iets anders dan te gelooven, dat het J
die toekomst vinden zal onder leiding van Nederland. I
Het vertrouwen wordt gewekt en versterkt door de .
waarneming van den grooten materiëelen rijkdom wel-
ken de kolonie bezit, en door haar bewonderenswaar­ ,
"‘ dige vatbaarheid voor ontwikkeling; het geloof daaren-
tegen wordt bedreigd en verzwakt door de overweging
van de talrijke ernstige misslagen, die de Nederlandsche
heerschappij in het Oosten eeuwen achtereen hebben
ontsierd, en, in veelzins gewijzigden en eenigermate
zachteren vorm, haar aankleven tot heden. .
Ik zie niet voorbij, dat er in de laatste jaren ver-
schillende maatregelen werden uitgevoerd, die Indië ten "
goede komen; maar ik meen ze op de juiste waarde
te schatten, door ze ontoereikend te achten tot bevre­ j
diging der kolonie en tot zelfvoldoening van Nederland. .
Zelfs is er, vrees ik, in een belangrijk opzicht over ach- N
M teruitgang te klagen. Het koloniaal bestuur van voor-
heen was vicieus door zijn beginsel, maar krachtig door
zijn organisatie. Het moest verlaten worden, maar men
I had het niet tot in zijn grondslagen mogen verbrokkelen,
om het vervolgens naar verschillende inzichten, onderling
IH
‘ t
, ,-4