HomeDe scheidslijnPagina 82

JPEG (Deze pagina), 826.57 KB

TIFF (Deze pagina), 6.71 MB

PDF (Volledig document), 67.86 MB

82
,,Het feit, dat het liberalisme en het socialisme dit laatste
aandurven, omdat zij meenen een beteren grondslag, eene
andere maatschappij te kunnen geven, brengt de groote tegen-
stelling onzer dagen voort, die wortelt in het wezen van de
dingen".
In een volgend artikel, waarin het samengaan van staat en .
platteland bepleit wordt, treft 111011 de volgende zinsneden aan: g
,,De uiterste consequentie der revolutie, het communisme,
wijt al onze ellende aan den rijken schat der onderscheiding, E.
der variëteit, die vermeerdert naarmate het leven zich in goeden
zin ontwikkelt. Het communisme begeert in alles de wreede i‘
operatie van het Procrustusbed, met dit verschil, dat het de A
inkorting begint van boven en het hoofd vraagt van wie boven
de massa uitsteekt. Van de oude revolutionaire leus: vrijheid,
broederschap en gelijkheid, is de vrijheid reeds lang ingeruild I
voor de dictatuur cn week de broederschap voor den klassen-
strüd. Alleen de gelükhcicl bleef ove1· en is de wezenlijke kracht
der revolutie, omdat zij den mensch gelijk wil stellen aa_n God.
Zij is niet slechts vijandig tegenover den Schepper, zij staat °
vijandig tegenover de scheppings­ordinantie, tegenover het werk je
Gods, het boek der natuur, waarin de Christen Gods majesteit
en wijsheid erkent, maar dat de revolutionair op alle punt cor- T
rigeeren wil. Los van hetgeen God gaf, is de leus. En dit ziet 5
men zoo treffend in de communistische kunst onzer dagen, die
geprezen wordt, omdat zij zich los wil maken van de gedachten i;
Gods, van het letterschrift van Gods grootheid in de natuur
en in volkomen vrijheid zelf de vormen en lijnen uitdenkeir wil’ ’.
De Rotterdammer van 29 Maart bevat 0. a. het volgende:
,,Het meerendeel der antirevolutionairen zou zich van harte
verheugen, wanneer dor de twee protestantseh­christelijke groe-
pen weer gemeenschapelijk in ééne organisatie de strijd kon
worden gevoerd.
Door onderscheidene factoren wordt dat roepen o1n éénheid
versterkt.
*) Op vele liberalen past dit stellig niet, tenzij men mocht meenen
dat ook hier de regel opgaat: ,,dis­moi qui tu hanbes et je te dirai qui
tu es". Het minder welluidende hollandsche spreekwoord, waarin
het woordje ,,pik" voorkomt, behelst dezelfde gedachte.