HomeDe scheidslijnPagina 53

JPEG (Deze pagina), 855.56 KB

TIFF (Deze pagina), 6.66 MB

PDF (Volledig document), 67.86 MB

ë
53
e
` heeft dus hoegenaamd geen zin, dat zij die overigens instemmen
met de beginselen der Christelijke­Historische Unie en de toe-
j passing daarvan in de praktijk, daarnaast eene andere partij
j vormen omdat zij meenen dat onder de Christelijk­Historischen
er zijn die het vrij e-kerkendom voorstaan of ethisch. zijn van rich-
j ting. Zulke gedachten kunnen slechts opkomen in het hoofd van
menschen, die wereldlijke met kerkelijke politiek dooreenmen-
gen, of die zoo reactionair zijn, dat ze ons tot de ,,heerschende"
_ kerk zouden willen zien terugkeeren, met terzijdestelling van
alles wat op kerk- èn schoolgebied sedert 1798 is tot stand ge-
bracht! Ik herinner er aan, dat reeds bij) de vaststelling van het
program der Vrij­Antirevolutionaire partij, waaruit de Chris-
§ ‘tolijk-Historische Unie zich heeft ontwikkeld, in art. 8 stond:
.,de overheid moet zich onthouden van inmenging i·n kerkelijke
aangelegenhedenn. Datgene wat van overheidswege voor altijd
aan eenige kerk is toegekend, behoort evenals haar privaat ver-
mogen door de overheid te worden geëerbiedigd en beschouwd; · _
A eene toezegging van uitkeeringen enkel op grond van algemeen
belang kan, bij verandering van maatschappelijke toestanden,
worden ingetrokken, doch dan zóó, dat voor de belanghebbende
kerken geen gevaarlijke schokken ontstaan". In kortere be-
j woordingen. zegt art. 13 van het program der Christelijk-Histd
rische Unie. De overheid ,,eerbiedige de historisch verkregen
` rechten" der kerk. Welke die ·recl•.ifen zijn, daarover kan geene
partij als zoodanig beslissen.
al In zijn le Parti antirévolutionnaire et Confessionnel, (waarom
j is die leerzame brochure nooit vertaald?) schrijft GROEN, met
g beroep op GUIZOT: er is thans voor alle Christenen, onverschil-
j lig tot welke kerk zij behooren, eene gemeene zaak. Zij hebben
het geloof, en wel het Christelijk geloof, te verdedigen tegen
het ongeloof (impiété) en de anarchie. Maar ter voldoening van
die taak is niets minder noodig dan de Christelijke waarheid,
j in haar eenvoud, in haar zuiverheid, in haar oorspronkelijke
j kracht; (la force primitive) ; het bijbelsche, evangelische, apos-
j vermengen van politieke en kerkelijke vraagstukken tegengaan. Bij
g de oprichting van het blad werd dan ook bepaald: ,,het blad laat
j zich niet in met de vraagstukken die de Protestantsche kerken ver-
j deeld houden". ‘
1
i
3
i