HomeHet karakter der onafhankelijke theologiePagina 79

JPEG (Deze pagina), 1.07 MB

TIFF (Deze pagina), 10.50 MB

PDF (Volledig document), 100.79 MB

F/L,,`,ïf * " ” · » er j ‘ i al J W N .. j wm

li i {
` ?
l· E
ll Y
L 1
E;
lg
9
geschonden en de uiiivcrsitcit als wetenschappelijke corporatie i
lë verminkt worden door er uit weg te nemen wat tot haar wezen ‘
behoort? En zou dit slechts eene verminking zijn? Zoude de `
ban over de wetenschap van den godsdienst uitgesproken zich t
niet spoedig uitstrekken tot alle geestelijke wetenschappen, H i
allereerst tot die, welke tot de faculteit der bespiegelende
wijsbegeerte en der letteren behooren, die immer in de nauwste Ii
betrekking tot de theologische heeft gestaan? Of zoude daar
het gevaar minder aanwezig zijn van het ontstaan van theoriën i
die of voor den staat gevaarlijk of door de kerk, wier leer- ,
stellingen imniers door den staat in zijne inrichtingen te eer-
Q biedigen zijn, gewraakt zouden kunnen worden (W)? Buiten- E
T dien, zouden deze studiën niet kwijnen, indien haar de mach-
tige steun ontnomen wierd, dien zij tot hiertoe van de theo-
__ logische faculteit hebben ontvangen? En zoude, bij het kwij-
nen der philologische en wijsgeerige studiën, de juridische
` faculteit alleen de taak van de handhaving der geestelijke
wetenschappen kunnen op zich nemen en niet spoedig ontaarden , j
_ op fransche wijze, in eene voorbereidende school tot het aan-
leeren van kundigheden voor de empirische rechtsbedeeling en j
het empirische staatsbestuur vereischt? Staat ook de weten- _,
lj schappelijke idee van deze faculteit, de idee van rccát, nietin
‘ het allernauwste verband tot de historische en philosophische j`
wetenschappen, dus tot de literarische en door deze tot de U
. theologische faculteit (W)? V an de natuurwetenschap wil ik alleen j
dit onloochenbare zeggen , dat velen althans van hare beoefenaars l
nog het recht der geestelijke wetenschappen en met deze het
i verband tusschen beide deelen der encyclopedie erkennen en dien j
jj niet wenschen verbroken te zien. Men spiegele zich aan het voor-
beeld van anderen. Duitschland heeft de universitaire idee behouden, i j
ij i Frankrijk niet. Het is nu wel niet twijfelachtig in welke der
A beide staten, ofschoon de fransche natie voorzeker niet minder
aan , A c M c t er ‘ .cc.