HomeHet karakter der onafhankelijke theologiePagina 66

JPEG (Deze pagina), 1.05 MB

TIFF (Deze pagina), 10.21 MB

PDF (Volledig document), 100.79 MB

en
‘25
Op den godsdienst toepassende wat alleen van God geldt, j
de idee van onveranderlijkheid, blijven zij stationair en achten
het eene ontheiliging indien aan de religieuse traditie iets wordt
` " _ veranderd, in leer of inrichting. Geleerdheid kunnen zij dulden,
ja zelfs op prijs stellen , als toevoegsel en sieraad aan het heiligdom,
l als huldeoffer aan den Heilige, of aan het heilige gebracht.
’ ­ Maar dat de eeuwige kern, die daar in den godsdienst ligt,
, in de inetamorphoses van den wasdom niet verloren gaat, maar
blijft, dat in het nieuwe, indien het leven heeft, het oude is,
I en dat het oude , zoo het zich niet vernieuwen kan ,
ook gestorven is, dat zien zij niet. Deze godsdiensten kunnen
geene wetenschap dulden , daar wetenschap uit haren aard
progressief is; hare geleerdheid kan dus niet worden opgenomen `
in den universitairen cyclus. ,(’) Voor deze passen de seminariën,
· naar het historisch begrip van het woord , de kloosterscholen
«!· met hare door de kerk geijkte methoden en vastgestelde resul-
taten. l/[aar hoe weinig het Christendom zich in die banden
kan voegen , blijkt reeds daaruit, dat juist in die seminariën (")
en kloosterscholen de van lucht beroofde wetenschap allerlei
uitwegen heeft gezocht om aan dien klem te ontkomen en dat
n L het gemis van aanraking met de zoogenaamde wereldsche of
profane wetenschap zich gewroken heeft door allerlei onge-
_ zonde theoriën, luchtledige speculatiën , ja praktisch verderfe­
, lijke maximen. De voor Staat en Kerk beide gevaarlijkste ‘
` ketterijen zijn juist, het is bekend , in de kloosterscholen
ontstaan; en wij begrijpen het voorzeker dat Luther en
i Melanchton (‘°), door de ervaring geleerd, voor de opleiding der
evangeliedienaren geene seminariën hebben gesticht maar het
vrije universitaire onderwijs hebben verlangd. Het is omdat
het Christendom de vrije lucht zoekt. Zoo als Hij, naar wien
L het zich noemt, van zich zelven getuigde; ,,in het verborgen
« heb ik niets gesproken" (Joh. XVIII. 20), zoo ook heeft
de christelijke theologie het vrije woord en de vrije beweging