HomeDe wet van 28 april 1876 en de algemeene geschiedenisPagina 23

JPEG (Deze pagina), 726.81 KB

TIFF (Deze pagina), 5.26 MB

PDF (Volledig document), 19.82 MB

‘ L, ` { ` 'ï`··j~~­= .`., ; `_,_ ‘ `
Y v . 21
­ bevat, zegt hij, een eenzijdige voorstelling van de toestanden
j der Vereenigde Staten, rustende op een willekeurige en de
i waarheid opzettelijk verdraaiende opvatting. Man en paard `
B noemende, weerlegt hij eenige van Kolbs beweringen, o. a.
· die, waardoor hij poogt te verklaren, vanwaar het komt,
i dat de staatsschuld der Vereenigde Staten tot zulk een aan- .
merkelijke hoogte was gestegen, hetgeen mede hieraan wordt » ` i
_ v " toegeschreven, dat zelfs de veteranen, gezond en ongedeerd `
uit den burgeroorlog te voorschijn gekomen, van de staatskas
rijkelijke pensioenen of toelagen erlangden. Kolb zal, zóó
sluit Becker zijn bewijsvoering, hem, Becker, als zijnde een
, dier veteranen, zeer verplichten met hem in kennis te stellen
_ $ van de plek, waar die pensioenen of toelagen worden uit-
. gereikt,-daar hij tot in 1876 niet in staat is geweest, ze
A te ontdekken. ,
Schrijvers, als die van het leerboek, die den eersten den
. besten Duitscher, die een Culturgeschichte schrijft, om den
hals vliegen, trekken tevens, mijns bedunkens, de scheidslijn
te scherp tusschen momenten van de zoogenoemde factueele V
·g_ historie en momenten der vvijsgeerige historie. Deze onder-
. ` scheiding is niet gegrond in het wezen der zaak. Wie den
natuurlijken weg volgt, het verleden zelf op te roepen en
‘ uit te noodigen, getuigenis af te leggen, bevindt, dat het
i a» B eene ineenloopt met het andere. Zondert men eenige na-
_ vorschers van zeer specieele punten uit en hen, die ten
behoeve van de lagere trappen van ’t Onderricht werken,
. ·, . dan kan er in den tegenwoordigen tijd onder de historie-
schrijverswen onder de leeraren der geschiedenis geen _
zoo- uiteenloopend verschil van bedoeling zijn, dat zij in j
_(__,,«"`twee ten eenen male onderscheiden rubrieken zijn in te
V'] deelen. Niemand wil zich tot de kennis der feiten alleen
‘ beperken. Ieder is ervan` doordrongen, dat het de plicht
is van elk medearbeider, ertoe bij te dragen, dat de ware

Q 1
·£