HomeBeschouwingen over het vraagstuk onzer landsdefensie in den zomer van het jaar 1873Pagina 8

JPEG (Deze pagina), 857.63 KB

TIFF (Deze pagina), 7.67 MB

PDF (Volledig document), 28.38 MB

ll
W L
l.
` 6
Laat ons intusschen niet voorbijzien, dat de benevelende u .
. walm der >>rosse twistflambouwen," ontstoken door locaal- en l
partijbelang van verschillenden aard, het voorzeker meer dan _
ooit moeielijk heeft gemaakt om het zuivere beeld van ’s lands J“
algemeen belang voor oogen te blijven houden in de oude
zaal van het Binnenhof, gedurende de buitendien reeds zwoele
en drukkende dagen dezer zomerzitting. v
Wat men echter toen uit het oog moge verloren hebben, .
> niet den onbegrensden weerzin van ons volk tegen elke mili­
taire krachtsinspanning. En het is `deze weerzin, welke is ` ,
gebruikt als de stormram, waarmede men niet alleen de in-
gediende Wetsvoordracht, maar tevens het daarin opgesloten
beginsel heeft doen vallen.
Men versta ons hier wel. Wij beweren geenszins als zou i
men dit hebben gedaan, gedreven door nevenbelangen , in
het volle bewustzijn van zoodoende te verwaarloozen ’s lands
belang. Dat eene dergelüke meening de onze niet kan zijn, r
zal verder duidelijk genoeg blüken. - Na hetgeen door Dr. [
Jonckbloet is gesproken in de kamerzitting van 27 Juni, kan ·
men het echter niet meer als ongepast beschouwen om reeds
bij voorbaat van zich af te weren, elken mogelijken schijn X
van schuldig te wezen aan het insinueeren eener zoodanige
Z verdachtmaking.
l
. Niemand kan ontkennen dat, er tegen het invoeren ten E
onzent van algemeene militaire dienstplichtigheid , of zoo men 3
het noemen wil verplichte persoonlijke dienst, (’1) zeer ernstige
bezwaren bestaan. - Bij het vaststellen van iedere belasting '
N heeft men met bezwaren te worstelen en de moeielijkheid om
ze te boven te komen is evenredig aan den weerzin van het "
volk om de voorgestelde belasting op te brengen. - In zoo- ·*‘
" danig geval moet men altijd beginnen met op besliste wüze . ·
uit te maken of de voorgestelde belasting noodzakelük is of
niet. - Zoo ja, dan is eerst het oogenblik gekomen om de
(1) Zie de aanteekening bladz. 29. Y
T
s
I
i s B B t t B, rrtr » i.i....i.