HomeDe waterleiding en de bodem-verontreiniging te 's-GravenhagePagina 7

JPEG (Deze pagina), 785.25 KB

TIFF (Deze pagina), 6.62 MB

PDF (Volledig document), 20.16 MB

l
. 1
ä
5
1869, ook een voorstel van vier raadsleden zijnde: wederom
de heer DE PiNro, en voorts de HH. HARDENBERG van Bene-
AMBACHT, VAN DEN Buizen en VAN STMLEN, inhoudende: 1° i
er zal eene waterleiding worden aangelegd door de gemeente,
en 2° B. en W. worden uitgenoodigd zoo spoedig mogelijk de
noodige voorstellen te doen tot uitvoering van dit werk. Acht
dagen later reeds werd aan den gemeenteraad door B. en VV.
voorgesteld om, overwegende dat, ofschoon het denkbeeld van aanleg /
door de gemeente geenszins onvoorwaardelijk afkeuring ontmoette ,
en zelfs de mogelijkheid werd voorzien dat daartoe later zou {
moeten worden besloten , men voo1· het oogenblik daartoe den tijd
nog niet gekomen achtte, alle aanhangige concessie-aanvragen van
de hand te wijzen, het voorstel van den heer DE P1N'1‘o c. s.
vooralsnog 11iet aan te nemen en te bepalen dat tegen 15 Januarij
1870 eene openbare mededinging zoude worden uitgeschreven
naar de uitvoering van een plan, door den heer HENKET ont-
worpen en op, door B. en WV. ontworpene, door den gemeenteraad
goed te keuren voorwaarden. Dit voorstel dat afdoening deed
hopen, eene week later in behandeling komende, werd evenwel
niet aangenomen, daarentegen besloten - de beslissing nog i
uit te stellen, de zaak nog eens in de sectiën te behandelen,
en zich grondig op de hoogte daarvan te stellen. Achttien leden
verklaarden zich vóór, 12 leden tegen dit besluit. Nadat nu
. _ weinige weken later, 11 Januarij 1870, de uitslag van het onderzoek
in de sedtiën bekend was gemaakt, werd het op 25 Januarij aan
, de orde van behandeling gesteld, en daarbij verklaarde de voor-
zitter dat hij nu eerst in beginsel wensehte uitgemaakt te zien;
,, of er behoefte bestond aan eene waterleiding. ’° Hieromtrent
werden beraadslagingen gehouden, uitvoeriger dan menigeen
, zoude verwacht hebben, maar eene beslissing volgde wederom
niet. De voorliefde voor Nortonpompen was thans te sterk,
en de zucht tot afwachten en uitstellen trad op den voorgrond,
l want toen een der raadsleden aan dat verlangen eenen vorm
gaf en het voorstel deed: ,, de Raad besluit de verzoeken en
‘ voorstellen betreffende eene waterleiding aan te houden, totdat
de uitslag zal zijn gebleken van de genomen en nog op