HomeDe zedekunde volgens de beginselen der leer van HerbartPagina 9

JPEG (Deze pagina), 542.81 KB

TIFF (Deze pagina), 5.49 MB

PDF (Volledig document), 20.91 MB

INLEIDING.
.
4
l Vanneer 111611 iemand vraagt, wat is zekerheid?
A dan zal hij lichtelijk antwoorden: bewezene waar-
heid. En vraagt men dan verder: wat is bewijzen?
kl dan zal hij zeggen: opgeven va11 de redenen, waarom
{ · iets waar is. Ondertusschen zijn er nog andere bron-
nen van zekerheid. Vooreerst de ervaring, die zich
j weer in zinnelijke en zielkundige laat verdeelen; en
; ten andere de onmiddelijke aanschouwing. Men heeft
j met deze onmiddelijke aanschouwing veel dwaashe-
den begaan, en zelfs beweerd, dat wij eene onmid-
delijke aanschouwing van het oneindige bezitten.
i Dit houden wij bepaald voor eene hersenschim, j
daar wij niemand kennen, die zóó begaafd is; doch
hiermede ontkennen wij niet, dat er waarheden be- l
staan, die zóó duidelijk en klaarblijkelijk zijn, dat l
· ieder, die ze hoort, dadelijk inziet, dat het waar-
heden zijn. Men heeft deze waarheden axio1na’s ge-
noemd, en beweerd, dat zij zich van zelf aan den
U geest voordoen; anderen hebben staande gehouden, l
dat zij eenvoudig daarom zoo aannemelijk schijnen,
dewijl zij eene verkorte uitdrukking bevatten van _
1%
‘«
l
ï
1, jj V