HomeDe zedekunde volgens de beginselen der leer van HerbartPagina 13

JPEG (Deze pagina), 571.57 KB

TIFF (Deze pagina), 5.17 MB

PDF (Volledig document), 20.91 MB

l
.2 ‘
jj j 11 v
· bestaat, en dat dus dezelfde verhoudingen, die bij
_ enkele menschen gevonden worden, ook hier voor-
komen, doch alleen op grootere schaal.
si --«----­--
De idee der inwemlige vrijheid.
` VVanneer wij ons 11iet in zielkundige vraagstuk-
ken verdiepen, maar den mensch eenvoudig nemen,
gelijk ons door de ervaring gegeven wordt: dan
Q · vinden wij in hem ee11e menigte verschijnselen, die
wij samenvatten onder den naam van verstand, en
iv waartoe wij ook alles brengen, wat gewoonlijk in-
zicht en overtuiging genoemd wordt. Verder vinden
ël wij in hem eene andere menigte verschijnselen, die
wij wil heeten, en wij brengen daartoe al die ge-
` moedsbewegingen, die, wanneer zij niet gestuit wor-
_ Il den, zich in handelingen openbaren. Nu kan het
zijn, dat de laatste met de eerste overeenstemmen,
of dat zij er mede strijden, dat is, het kan gebeu-
ren, dat iemands wil met zijn verstand overeen-
_, stemt, zoodat hij datgene wil, wat hij weet en be-
grijpt, dat goed is; en het kan ook gebeuren, dat
i iemand weet en begrijpt, dat iets goed is, maar
door hartstochten, die hem beheersehen, in het uit-
voeren daarvan verhinderd wordt. Stellen wij nu
de vraag: wat verdient goedkeuring; dat de wil
met het verstand samenstenit, of dat zij samen
strijden? dan zal ieder dadelijk erkennen, dat over-
1;