HomeDe zedekunde volgens de beginselen der leer van HerbartPagina 12

JPEG (Deze pagina), 619.41 KB

TIFF (Deze pagina), 5.17 MB

PDF (Volledig document), 20.91 MB

X ‘YWw'
mj
10 3
tg v
dig zijn, welke berispelijk. Dit is haar gebied. Zij _
is dus oorspronkelijk aesthetisch, niet praktisch. De t
praktische toepassing evenwel laat zich gemakkelijk i
vinden, zooals wij telkens als het in dit opstel te
pas komt hopen aan te toonen. ïl
Wij beschouwen dus den mensch in het afgetrok-
kene, dat is, wij laten voor het oogenblik alle bij-
zonderheden van stand, beroep, geslacht, rijkdom, «
armoede enz. ter zijde liggen. Als wij deze wegden-
ken, dan blijft de mensch alléén als redelijk wezen
over, en dan kunnen wij in hem de volgende ver- _
houdingen waarnemen. Wij letten vooreerst op de
i verhouding tusschen verstand en wil, ten tweede
op de verhouding tusschen den wil en zijne open- j:-'
baring in daden, ten derde op de verhouding van g
. den wil tot andere menschen in het algemeen, zon- ii
der dat deze nog als handelend optreden, ten vierde ~
op de verhouding van den wil tot andere hande- <i
lende menschen, waarin hij onopzettelijk betrokken D
wordt, ten vijfde op die, waarin staat tot andere
menschen, met welke hij opzettelijk in aanraking
komt. Dit geeft de vijf praktische ideën der inwen-
dige vrijheid, der volkomenheid, der welwillendheid,
der rechtvaardigheid en der billijkheid. Meer prak- /
tische ideën zijn er niet, omdat de gemelde verdee­
ling alle mogelijke betrekkingen omvat. Van de i
betrekking van den enkelen mensch tot de maat-
schappij spreken wij thans nog niet, maar merken
alleen op, dat de maatschappij uit enkele menschen
· al