HomeOpleiding en examen van verpleegstersPagina 46

JPEG (Deze pagina), 908.27 KB

TIFF (Deze pagina), 8.98 MB

PDF (Volledig document), 60.25 MB

Y . W » ~ . ,..· -A;..-..:;r.­ï­¢¤&A«.••ä¤·«.=«.«£F·­”­«;`ë=ï«2eï,-*l£¤¥I::ïïiïïä? ·_ «· "
jëfnylg
nl
“· `j 44
.; e
t opvatting haar opleiding heeft genoten. Wij willen de gradueele
Lt verschillen in opvatting buiten bespreking laten. Onder deze
` omstandigheden doet dan ook de verpleegster ’t liefst examen
£ voor een commissie die voor een deel uit haar onderwüzers
Ai bestaat, waarvoor veel te zeggen valt. Zij kent hun opvattingen `
j' omtrent het onderwijs, hun stokpaardjes, hun wüze van vragen
en weet, dat, wanneer haar examen nu niet zoo heel goed is, ·
O zij toch altgd op den steun van haar onderwijzers kan rekenen
4 omdat die haar ,,kennen", haar drie jaar hebben ,,bijgewoond" en
,,aan het werk gezien". Over dat ,,kennen", ,,büwonen" en ,,aan
. het werk zien" zullen wij niet spreken. Ieder die met eenigszins
groote ziekenhuizen bekend is, weet hoever dat ,,kennen" gaat,
hoe dikwijls en door wie de verpleegster is ,,bijgewoond" en
vooral wie haar ,,aan het werk ziet". Meestal ieder ander dan
het hoofd of de examinator!
Dit alles is bekend bij de verpleegsters zoowel als bij de genees-
heeren en de examinatoren. Toch wordt er niets veranderd,noch
wordt er getracht verandering in dien toestand te brengen. Alleen -+‘
j doet men het voorkomen alsof men verbetert. Het oude, rotte huis
j L wordt opgeschilderd, de deuren en kozijnen worden bruin inplaats
groen geverwd, de gaten in den voorgevel worden gestopt met
. steenen uit den achtermuur waar men de gaten van buiten af
niet ziet en daarna gaan de architecten zitten bewonderen en
E dutten in en zijn heel verwonderd dat na korten tijd steenen
op hun hoofd vallen en de molm op hun kleeren stuift, wanneer
Y iemand op de deur bonst om ze wakker te krijgen.
^i Voor de oorzaken van dezen onveranderden stand van zaken,
I kunnen wij voor het meerendeel slechts veronderstellingen maken.
E, Geen veronderstelling maar een zekerheid is, dat het meerendeel
der geneesheeren niets van verplegen afweet of begrijpt en dus
niet kan oordeelen wat een verpleegster wel of niet moet
weten, wat en hoe ze wel en niet moet zgn en dat daarin een van
de oorzaken moet gezocht worden dat er noch aan de opleiding,
{ noch aan de examens iets in goede richting veranderd wordt.
i; Een andere zekerheid is, dat het meerendeel der geneesheeren
jj niet de waarde van een goede verpleging kent, niet weet
1