HomeOpleiding en examen van verpleegstersPagina 45

JPEG (Deze pagina), 969.54 KB

TIFF (Deze pagina), 8.98 MB

PDF (Volledig document), 60.25 MB

43
‘ van verpleging op de hoogte zijn, die totaal onbekwaam zijn om
zelf praktisch als verpleger op te treden, die nooit zelf hebben
verpleegd en dat misschien ook beneden zich zouden achten, die ten
eenemale onbekend zijn met wat echt, goed verplegen is en er
· zelfs (wanneer zij met een goede verpleegster in hun praktükin
aanraking komen), behoudens een enkele, enkele uitzondering,
geen oog of gevoel voor hebben, kan een leek zelfs begrijpen dat
zulk een commissie onbevoegd is in deze te oordeelen. En waar
wel een commissie meent genoeg te offeren aan de ,,moderne
richting" en genoeg meent te doen voor de rechtvaardige beoor-
deeling en de wetenschappelijkheid, door een verpleegster (komt
nooit voor) of een hoofdverpleegster (zeldzaamheid) of een direc-
trice (uitzondering) in de examen-commissie te nemen, daar
zwijgt deze eenvoudig en laat haar stem niet hooren in het
kapittel of, wanneer ze wel meêspreekt, wordt zij overstemd
door de numerieke meerderheid der geneesheeren.
Daarbij, wij willen voor de zooveelste maal herhalen wat door
_ anderen en door ons al zoo dikwijls is gezegd, zijn het gemis aan
eenheid in het stellen van eischen voor de verschillende examens
en de totale ontstentenis van eenheid in de verschillende oplei-
dingen, ja de absolute willekeur daarin, even zoovele beletselen `
voor een neutrale examen-commissie om door haar eischen de
bekwaamheid van de verpleegster te toetsen, tenzü de te exami- ,
neeren verpleegster examen doet voor haar eigen onderwijzers. Q
’t is toch duidelijk, dat, waar de eene groep van onderwüzers .
de opvatting is toegedaan dat een verpleegster niet meer noodig i
' heeft dan een mate van kennis gelijk rc, de andere groep daaren-
· tegen een ontwikkeling gelük vg voldoende acht, welke x en zj
in grootte en dikwüls in richting verschillen, het voor een neutrale
examen-commissie onmogelijk is te oordeelen of een verpleegster
van een der beide groepen bekwaam genoeg is om praktisch op
te treden. En daar naast is het zeer goed te begrijpen, dat,
waar de eene examencommissie b. v. grooter eischen stelt aan
de ,,beschaving en ontwikkeling" dan aan verpleegkennis, de
andere juist omgekeerd doet, het voor de verpleegster onmogelijk
is aan een van beiden te voldoen, wanneer zij onder een andere