HomeHet tegenwoordige karakter der geneeskundePagina 31

JPEG (Deze pagina), 567.06 KB

TIFF (Deze pagina), 6.76 MB

PDF (Volledig document), 18.64 MB

Q 29
i vreemd in dezen, daa1·om vertrouw ik met zekerheid ,
l op uwe ondersteuning te mogen rekenen.
nl Hooggeachte Ambtgenooten! Schamen zoude ik mij
indien ik tegenover U, mannen der wetenschap, op deze
' plaats eene phrase durfde uittespreken. In den vollen
zin van het woord is het daarom gemeend, wanneer ik
‘ zeg, dat ik het mij tot eene eer reken, in Uwen kring
U te worden opgenomen, eenen kring , waarin mannen
van europeeschen naam zitten, mannen op wier voorbeeld
ook de ambtgenoot met eerbied ziet, wel begrüpende,
ä >>si duo faciunt idem, non est idem.”’ Neemt mij dan als
eenen strevenden welwillend op. Van u, waarde Col-
lega’s der medische faculteit, durf in meer dan welwillenheid
l te vragen. Gesteund door de blijken van hartelijkheid, die
j ik reeds van enkelen Uwer heb ontvangen, hoop ik eens
Uwe vriendschap te verwerven, maar nu reeds vraag ik
j collegialiteit. Daaronder versta ik niet dat Extract van
j burgelijke beleefdheid, ’t welk in de fatsoenlijke maat-
, schappij door den een aan den ander wordt aangeboden,
· om mogelijkst gemakkelijk den weg naast elkander te
" vinden, maar het werken met en op elkander. In dien
zin kom ik als collega tot U en hoop ik te leven met U.
Weledele Heere Studenten! Sedert meer dan tien
jaren geniet ik nu het voorrecht dagelijks met studenten
om te gaan, en steeds op nieuw werd mij de waarheid
i bevestigd van het gezegde van een oosterschen wijsgeer:
" Veel heb ik geleerd van mijne leermeesters, meer van